Poging
Leest 'De hartenjager' van René van Stipriaan

Geven kunstenaars nog wel om het landschap?

Ik bezocht Kunstplaza in Assen waar cultureel ondernemer Johan Schurer op de bovenste verdieping van warenhuis Vanderveen een tentoonstelling heeft ingericht met werk van Evert Musch en zijn leerlingen. Twintig werken van Musch (1918 – 2007) zijn er te zien, plus van Henk Helmantel, Reinder Homan, Arend Kuiper en Ben Snijders ieder twee werken en drie foto's van Harry Cock.

Stroomdal Drentse Aa Ever Musch
De tentoonstelling gaat gepaard met een symposium zaterdag waar gesproken zal worden over Evert Musch en het Drentse landschap. Die twee hebben veel met elkaar te maken. Musch schilderde het landschap met graagte en als dank verdedigde hij datzelfde landschap tegen aanvallen van buitenaf. Je zou het eigenbelang kunnen noemen, maar tijdens een interview dat ik vijftien jaar geleden met hem had, vertelde hij dat het om iets wezenlijks ging.

Musch hield van tradities en ambachten. Vandaar ook dat hij, ondanks de veranderende opvattingen in de kunst, altijd is blijven schilderen alsof hij in de negentiende eeuw leefde: romantisch en impressionistisch. Vandaar ook dat hij op academie Minerva – Musch heeft meer dan dertig jaar lesgegeven – goed overweg kon met studenten die eerst vaardigheden onder de knie wilden krijgen en pas daarna wilden nadenken over 'het concept'.

Eerst een ei leggen, daarna kakelen.

Over Musch wordt verteld dat hij er mede voor heeft gezorgd dat wat nu het stroomdal van de Drentse Aa is er uitziet als een heus stroomdal met een meanderend beekje. Hij ging daarvoor de strijd aan met beleidsmakers die de boel strak wilden trekken, zodat boeren sneller hun werk konden doen en het leger makkelijker kon oefenen. Musch was tegen vergaande verkavelingen, kanalisering en het kappen van bossen.

Zijn door leerlingen meest bejubelde schilderij, Vochtige weide bij Gasteren (1974), laat het zien. Maar zijn meest beroemde schilderij, Stroomdal Drentse Aa tussen Schipborg en Oudemolen (1946 – 1955), vat het nog het beste samen. Het moest zijn als een droom en het was aan 'ons' om er voor te zorgen dat het zo werd.

Na het bezoek aan Kunstplaza, zie ook de krant van vandaag, reed ik met een omweg terug naar huis. Ik ging, al CO2-uitstotend, over Loon en Gasteren via Anloo, waar Musch in een monumentale boerderij heeft gewoond en de naar hem vernoemde galerie een slapend bestaan leidt. Daarna ging ik richting Schipborg en uiteindelijk de kant van Zuidlaren op waar ik de N34 opreed.

Nu is de N34 nog tweebaans, maar als het aan gedeputeerde Henk Brink en een paar ondernemers uit Emmen ligt, wordt de weg in fases verdubbeld. Tegen deze asfaltering van de Hondsrug, inclusief delen van het stroomdal van de Drentse Aa, lijkt nauwelijks protest te bestaan. Wel zag ik op RTV Drenthe een paar inwoners van Schipborg een week of wat geleden mopperen over de gevolgen van de plannen, maar natuurorganisaties en kunstenaars houden zich stil.

Niet iedereen heeft iets van Evert Musch geleerd.