Previous month:
juli 2013
Next month:
september 2013

Films Jacques Tati naar Emmen en Groningen

Jacques TatiZowel Emmen als Groningen is opgenomen in de tournee die de speelfilms van Jacques Tati deze zomer door Nederland maken. Bij ForumImages in Groningen zijn alle zes klassieke speelfilms van de Franse regisseur te zien: Jour de fête (1949), Les vacances de Monsieur Hulot (1953), Mon oncle (1958), Trafic (1971), Parade (1974) en Playtime (1967). Filmhuis Emmen vertoond in Utopolis Jour de fête en Playtime. Voor een pdf met draaidata klik hier.

Aanleiding voor de Tati-tour is is de digitale restauratie van de speelfilms. Coördinator van de tour, die in totaal 35 steden aandoet, is filmmuseum Eye in Amsterdam. Jacques Tati (1907-1982) wordt gezien als 'een van de belangrijkste naoorlogse filmmakers, auteur van een tijdloos oeuvre en bovenal een groot komiek'. Hij was zowel regisseur, hoofdrolspeler, schrijver als producent van zijn films.


De Russen zijn er nog steeds

Na het geweld van het Time Shift Festival, afgelopen voorjaar, leek het wel gedaan met het Nederland-Ruslandjaar in Noord-Nederland. Toch wordt de band tussen twee landen nog steeds 'gevierd'. Misschien wat minder uitbundig, maar daarom nog niet minder interessant. Helemaal nu er zo veel kritiek is op Rusland als schender van mensenrechten en toevluchtsoort voor Amerikaanse dissidenten.

In het Nederlands Stripmuseum is tot eind deze maand de tentoonstelling Daar komen de Russen! Da njet navernoe (Ja nee misschien) te zien, een overzicht van de wijze waarop cartoonisten in Rusland te werk gaan. Ruim tweehonderd cartoons selecteerde samenstellers Marianne van Voorn en Polina Smid-Zayats, gemaakt door 27 Russen.

IgorSmirnov
Op het eerste gezicht gaan Russische cartoonisten, veelal geboren in de vijftig en zestig, niet anders te werk dan hun Nederlandse collega's. Technische verschillen zijn er weinig, al moet gezegd dat de getoonde selectie een aantal parels bevat op een niveau dat je zelden in Nederlandse kranten en tijdschriften ziet.

Dat geldt vooral het werk van Valentin Druzhinin en Mikhail Zlatkovsky, die verfijnde illustratietechnieken combineren met een even subtiel als venijnig gevoel voor het verbeelden van gevoelige onderwerpen. En daar zijn er nogal wat van in Rusland, waar 'de Staat' niet schroomt om op willekeurige momenten in te grijpen.

Daar komen de Russen! omvat elf thema's, waarbij politiek, repressie en corruptie het zwaarst zijn vertegenwoordigd. Vergelijk dat eens met Nederland, waar nauwelijks cartoons over repressie worden gemaakt. De Russische corruptie, aan de kaak gesteld op 25 cartoons, kan overigens soms goed worden uitgelegd als klassenstrijd. Zie daarvoor het werk van Igor Smirnov.

Bijzonder is de aandacht voor de zogeheten filosofische cartoon. Volgens de samenstellers een genre dat typerend is voor Rusland, waar het leveren van commentaar op 'de Staat' altijd hachelijk is geweest. Wat niet wil zeggen dat het onmogelijk was en is, als het commentaar zich richt op 'het leven en lot' is veel mogelijk.

In de begeleidende catalogus, wordt op passende wijze stilgestaan bij de moeilijke omstandigheden waaronder de Russen moeten werken. We citeren cartoonist Vjacheslav Poluhin:

"De media hebben met de professionele satirische tekening een uiterst kracht wapen in handen. Echter, de huidige democratische regering van Rusland heeft ervoor gezorgd dat scherpe politieke cartoons vervangen werden door het werk van een massa 'tandeloze stylisten. Zij maken een parodie van het genre, uitzonderingen zijn zeldzaam."

Expositie 'Daar komen de Russen! Da njet navernoe' met werk van 27 Russische cartoonisten Te zien Nederlands Stripmuseum Groningen Open t/m 31/8 di – zo 10.00 tot 17.00 uur.


Textiel leeft ineens volop in Zuidoost-Drenthe

Textiefleeft1
Zweeloo mag zich graag kunstenaarsdorp noemen, omdat het dorp en haar omgeving in het verleden als decor diende voor kunstschilders. Deze zomer is de streek het domein van textielkunstenaars. Tijdens de verrassende kunstroute Textiel leeft! tonen 75, veelal professionele kunstenaars hun werken in stallen, schuren, galeries en zaaltjes. In Zweeloo, maar ook in Benneveld, Aalden, Meppen en Wezup.

Textielleeft3Niet eerder werd in het Noorden zoveel textielkunst bijeengebracht. De bron voor de route ligt in een gelijknamige uitgave van grafisch vormgever en boekenmaker Ellen Bakker uit Zelhem. "Tijdens het maken van een boek over de stof vilt ontdekte ik dat er in Nederland en België ontzettend veel gebeurt met textielkunst", vertelt Bakker die in Textiel Leeft! 250 kunstenaars presenteert.

De band tussen textiel en kunst gaat ver terug, denk aan de monumentale gobelins uit de zeventiende eeuw. Dat het materiaal bij kunstenaars en kunstliefhebbers enigszins uit beeld is geraakt, heeft te maken met de verwijdering tussen de toegepaste kunst en de 'kunst-om-de-kunst' eind negentiende eeuw en de daaropvolgende 'triomf' van het conceptuele op het ambachtelijke.

"Er is in Nederland altijd al veel aan handwerk gedaan", zegt Bakker. "Maar het lijkt erop dat kunstenaars textiel als materiaal en techniek hebben herontdekt. Het gaat niet alleen om werk met vilt, maar ook om quilts, weven, borduren, breien en haken. Ik weet niet precies waardoor het komt. Misschien heeft het met de recessie te maken. Kunstenaars zijn op zoek naar wat ze zelf kunnen maken."

Zowel het boek als de kunstroute laat een enorme verscheidenheid zien: van figuratief naar abstract, van landschappen naar sculpturen, van dierfiguren naar installaties. Uiteraard komen de klassieke thema's als liefde en de dood aan bod. Zo laat Unni Nestvang in een stal op een baal stro een vergeet-mij-niet-bed zien, van fragiele blauwe stof. En vertelt Anky Vytopil in een molen haar levensverhaal aan de hand van paneeltjes met minimalistisch borduurwerk.

Textielleeft2
Het merendeel van de kunstwerken zijn demonstraties van techniek- en materiaalbeheersing, verbeeldingen van een schoonheid die harmonie, rust en reinheid nastreeft. Gevraagd naar wat Textiel Leeft! wil laten zien, zegt Bakker: "Hoeveel talent aanwezig is en hoeveel er geëxperimenteerd wordt. Maar ook hoe mooi de omgeving van Zweeloo is. Misschien nog wel mooier dan de Achterhoek."

Dat Textiel Leeft! in Drenthe is te zien, is te danken aan edelsmid Joke Holwerda uit Aalden. Met hulp van vrijwilligers tilde zij de route in twee maanden van de grond. "Een succes", stelt Holwerda. "De textielkunst is een klein wereldje, maar ze houden elkaar goed op de hoogte. We krijgen mensen uit heel Nederland over de vloer. Of een vervolg mogelijk is? Ik ben iemand die van nieuwe dingen houd, van verrassingen en vernieuwing. Ik zou zeggen: Misschien."

Route en boek

De kunstroute Textiel Leeft! is nog tot en met 18 augustus op 21 locaties te zien. Dagelijks tussen 11.00 en 17.00 uur. Startpunt is Hoofdstraat 15 in Zweeloo. Een route kost 2 euro. Zie ook www.kunstenaarsdorpzweeloo.nl. Het gelijknamige boek van Ellen Bakker is verkrijgbaar via www.textiellink.nl.


Vuile spelletjes in het Shakespearetheater Diever

Om 22.45 uur, het is al donker in Diever, gebeurt het dan toch. Othello heeft zich gek laten maken door de praatjes, listen en vuile spelletjes van Iago. Hij gaat voor zijn Desdemona staan, kijkt haar in de ogen en slaat haar met de vlakke hand in het gezicht. 'Zo!', zegt iemand in het publiek, oprecht verrast door de kracht van de klap.

OthelloShakespeareDiever
In 1989 speelde het Shakespearetheater Othello voor het eerst. Toen met Jan Meer als 'de Moor' en Erik Hummel in de rol van de intrigant Iago. Volgens critici ging het stuk destijds onder de regie van Wil ter Horst-Rep over jaloezie en hartstocht. Een kwart eeuw later gaat het onder regie van Jack Nieborg over jaloezie, hartstocht, macht, afgunst en wraak – net even meer.

Nieborg heeft de emoties niet helemaal gelijk verdeeld. Terwijl nieuwkomer Malcolm Davis schuchter, maar statig met de liefde worstelt, is het de voortreffelijke Anne Peter van Muijen die als Iago met de aandacht aan de haal gaat. Van Muijen heeft de meeste en beste tekst gekregen. Mag ook het vetste spelen, heeft daardoor de lachers op zijn hand en dreigt iedereen te overvleugelen. Let wel: dreigt.

Het knappe van deze Othello is dat de toeschouwer in Diever steeds weer iets anders toegeworpen krijgt. Het stuk is beslist meer dan een one-man-show. Edwin Frei als Roderigo bijvoorbeeld. Zo'n schlemiel is altijd nuttig. Het ontspant al te strak gespannen snaren en ontnuchtert trotse en ijdele gevoelens, doordat het iedereen herinnert aan zijn verwantschap met zulke mensen.

Maar ook het kleine liedje waarmee Inge 'Desdemona' Wijers haar musicalkwaliteit mag demonsteren. De worst etende lummel die na de pauze met volle mond de vuile taalbeheersing van Nieborg mag demonstreren. Het komen en gaan van doodgravers, als er weer iets onherroepelijks heeft plaatsgevonden. En vooral het verval van de robuuste vestingtoren, gaandeweg wordt het decor ontmanteld.

Dat het slot, waarin de rekeningen worden vereffend en de doden vallen, tijdens de première rommelig passeerde – het zij vergeven. De komende weken zal ook deze voorstelling uitgroeien tot een geoliede machine. Geen twijfel mogelijk.

Gebeurtenis Shakespearetheater Diever speelt 'Othello' Vertaling en regie Jack Nieborg Met Anne Peter van Muijen, Malcolm Davis, Inge Wijers, Bert Bijker, Marion Juch, Edwin Frei e.a. Decor Janco van Barneveld Gezien 9/8 Shake-spearetheater Diever (première) Publiek ca. 900 Nog te zien aldaar t/m 14/9.


Nog drie dagen Open Stal Oldeberkoop

OpenStal2013

De mensen van Open Stal in Oldeberkoop stuurden een cassette met tien kaarten waarop tien kunstwerken staan afgebeeld en op de achterzijde tien gedichten die bij die tien kunstenwerken zijn geschreven. Enfin. Een aardige geste die ik hier wil beantwoorden met de waarschuwing dat de 42ste editie van de kunstroute nog slecht drie dagen te bezoeken is.

En ook dit jaar is Open Stal de gang naar de Stellingwerven waard. Wij bezochten de route halverwege onze vakantie en liepen prompt Johan Veenstra tegen het lijf, de belangrijkste schrijver van de Stellingwerven. Lees zijn werk, het is geschreven in de streektaal, maar door iedereen met een beetje taalgevoel zeer goed te volgen.

Veenstra heeft een gedicht geschreven bij een schilderij van Jan Snijder uit Drachten. Winterreize heet het gedicht: 'Ik perbeerde zo vaeke/ aachter de spiegel/ van je wezen te zien// Ree in et duuster van de/ aovend, deur de sni'j,/ naor et noorden toe.// Leup veur je huus langes,/ je naeme weerkaetste/ tegen witbesteuven huzen.// Mar ik vun niks aanders/ as beschosseld verlangst./ Et sni'jede hieltied nog'

Het was een hete dag dat ik Veenstra in Oldeberkoop op straat trof – dit terzijde.

Thema van Open Stal is dit jaar 'Het landschap in mijn hoofd'. Wat opviel was dat het tekenwerk van Redmer Hoekstra het erg goed deed bij de bezoekers, een en al enthousiasme. Zelf raakte ik in de bekoring van de foto's van Folke Hanfeld, een variatie op stereofotografie, en van de Mondriaan-variaties van Milly Bettum, die een plek hadden gekregen in het nagelnieuwe MFC van Oldeberkoop.


Wat doen Bassie en Adriaan in de bosjes?

De tentoonstelling rond de Dode Zeerollen in Drents Museum heet een succes. Er is in Assen veel volk op de been voor iets bijzonders. In hetzelfde museum tegelijkertijd nog iets te zien dat minder publiek trekt, maar ook de moeite van het bezoeken waard is: de expositie Total Thijs met schilderijen van Thijs Jansen uit Groningen. Het is de tweede tentoonstelling in een serie over jonge figuratieve kunstenaars.

Ik heb Total Thijs inmiddels twee keer bezocht. De eerste keer na een bezoek aan de historische afdeling van het museum in een poging helder krijgen hoe het museum het Verhaal van Drenthe vertelt. De tweede keer was na een bezoek aan de Dode Zeerollen. Die keer ontdekte ik een schilderij dat ik daarvoor over het hoofd had gezien, terwijl er slechts dertien werken van Jansen in het museum hangen.

ThijsJansen
Het nieuw ontdekte werk betrof een klein paneeltje dat vlak bij het raam aan de straatkant is opgehangen en wel zo dat je als kijker met de wang tegen het glas moet staan om er iets van mee te krijgen. Een onmogelijke plek, die tegen alle expositiewetten ingaat. Het paneeltje toont twee schimmige figuren tussen de struiken. Het duurde even voor ik begreep wie het moesten voorstellen: Bassie en Adriaan.

Maar wat doen Bassie en Adriaan in hemelsnaam in de bosjes? In een film van Herman Tulp die ook in het museum is te zien, vertelt Jansen dat het idee voor het schilderij ontstond na het zien van een televisieaflevering met Bassie en Adriaan, waarbij de twee 'kindervrienden' helden aan het begin van de aflevering uit de bosjes komen zetten als onderdeel van een boevenjacht.

Dan nu het theoretisch kader, afkomstig van de museumwebsite: "Het werk van Jansen toont ons zijn gevoelig oog voor gangbare taferelen en decors, die hij weergeeft met een vleugje – enigszins zwarte – humor. Bezoekers worden uitgedaagd om in te zoomen op de schilderijen, die ogenschijnlijk alledaagse situaties laten zien; grote verhalen op klein formaat.

De tentoonstellingt Thijs Jansen - Total Thijs is nog tot en met 15 september te zien in het Drents Museum in Assen.


Zoef! Daar schoot De Gouden Pijl voorbij

DeGoudenPijl2013
In Emmen werd dinsdagavond De Gouden Pijl verreden, de jaarlijkse kermiskoers voor professionele wielrenners, dames en de categorie elite en beloften. Voor de 36ste keer alweer, ditmaal niet als rondje om de Grote Kerk, maar als carré door het zuidelijk deel van centrum, omdat de Hondsrugweg van een tunnel wordt voorzien.

Peter Weening toonde zich de snelste beroepsrenner. Dat mocht een verrassing heten, want in de regel worden wielerwedstrijdjes in de nasleep van de Tour de France voor het kijkersplezier gewonnen door populaire jongens zoals daar dit jaar zijn Bauke Mollema, Laurens ten Dam (Bau & Lau) en Marcel Kittel. Bij de dames won Marianne Vos, bij de beloften Gert-Jan Bosman.

Dagblad van het Noorden telde dinsdag 50.000 bezoekers bij de koers. Wat veel mag heten, met dank aan de uitstekende weersomstandigheden. Flits! Zoef! Daar schoot De Gouden Pijl voorbij. Zagen we daar Steven Lammertink, of was het Floris Goesinnen. Koen de Kort danwel Umberto Atzori? Ken uw helden. Welke renner reed voor en welke achter? 

De Gouden Pijl heet op papier een wieler- en amusementspektakel. Waarbij dat amusement werd verzorgd door jongens en meisjes met vibrerende stemmen en een microfoon en een geluidsband, zangers en zangeressen van het type Jannes en Sylvia. Maar ook door 'acts' als Danny Panadero, Melrose en DJ Kevin. Door het Hollandse Hit Festival met 'het beste van eigen bodem'. Door Vengaboys en Rafaëlla, de rafels van de Gay-parade.

Opmerkelijk was toch ook dat de Rabobank prominent de naam aan het wielrennen blijft verbinden. Althans in Emmen, waar de Raiffeisen Boerenleenbank 'gewoon' als hoofdsponsor optrad. En waarom ook niet? Dat hele dopinggedoe, waar de media het afgelopen jaar zo opgewonden over deed, waar iedereen schande van sprak, waarvoor Lance en Michael zijn gestraft, was welbeschouwd een storm in een, eh, ampul bloed.

Onze liefde voor het wielrennen is er in ieder geval niets minder op geworden.


Deze hoofdpersoon buigt voor niemand

Ter gelegenheid van het Nederland-Ruslandjaar lees ik voor Dagblad van het Noorden klassiekers uit de Russische literatuur – van vroeger tot nu. Aflevering 7: Vaders en zonen van Ivan Toergenjev.

Vaders en zonen Ivan ToergenjevVooruitgang is een bedenkelijke zaak, niet iets om je snel aan over te geven. Ivan Toergenjev (1818 - 1883) had dat al vroeg begrepen. In 1862 publiceerde hij Vaders en zonen, een roman opgehangen aan het idee dat het nieuwe zeer aantrekkelijk mag lijken, vooral als het wordt gezien door de ogen van de jeugd. Het geldt als zijn beste werk, al doen de novellen Asja (1858) en Eerste liefde (1860) er weinig voor onder.

Het nieuwe wordt in Vaders en zonen vertegenwoordigd door Jevgeni Bazarov en zijn vriend Arkadi Kirsanov. Het oude wordt gepresenteerd door vader en moeder van Bazarov en door de vader en de oom van Arkadi. Sleutelfiguur is echter de weduwe Anna Odintsova. Een mooie, rijke vrouw met een prachtig lichaam, meent de rationeel ingestelde Bazarov. "Al was het alleen maar voor de snijtafel."

Bazarov is een van de meest fascinerende figuren uit de Russische literatuur, vergelijkbaar met Raskolnikov van Dostojevski, Oblomov van Gontsjarov en Petsjorin van Lermontov. Toergenjev voert Bazarov op als nihilist: "Iemand die niet buigt voor autoriteiten, iemand die geen principe zo maar op goed geloof aanneemt, hoe oud en eerbiedwaardig het ook moge zijn."

Bazarov is een wetenschapper. Als hij niet bezig is met zijn microscoop, dan speelt hij de betweter die Kraft und Stoff van Ludwig Buchner betere lectuur vindt dan de verzen van Poesjkin. Vooral op Arkadi maakt de zelfverzekerde houding van Bazarov aanvankelijk een grote indruk, dat verandert als deze kritiek begint uit te oefenen op diens familie.

Het is de weduwe Anna, een femme fatale, die de Bazarov aan het wankelen brengt. Ze toont zich zeer geïnteresseerd in zijn met overtuigend aplomp bebrachte ideeën, kroont hem tot huisvriend en palmt hem in. Tot zijn verbijstering raakt Bazarov verliefd. Als Anna de liefde niet durf te beantwoorden, keert hij terug naar zijn ouders op het platteland om zich vol overgave op de wetenschap te storten. Daar loopt hij door dommigheid tyfus op.

Bij verschijning werd Vaders en zonen werd zeer kritisch ontvangen. Progressieven voelden zich te kijk gezet door de karikatuur Bazarov, conservatieven zagen Bazarov als heraut van een gevreesde revolutie. Wat ook niet meehielp was dat Toergenjev het leven in Rusland minder hoog achtte dan het leven in West-Europa. Hij woonde jaren in Duitsland en Frankrijk, zo dicht mogelijk in de buurt van zijn grote liefde, een getrouwde zangeres.

Honderdvijftig jaar na het verschijnen van Vaders en zonen kunnen we vaststellen dat Toergenjev oog had voor precair evenwicht: "Kijk eens naar dat dorre blad", zei ineens Arkadi, "de stengel breekt en het valt ter aarde; zijn bewegingen lijken op die van een vlinder. Is dat niet vreemd? Het droevigste en het meest de dood nabije lijkt op het meest levendige en vrolijke.'' Zegt Bazarov: "Beste vriend Arkadi Nikolajevitsj, gebruik in Godsnaam niet zulke mooie woorden. Spaar me."

Boek Vaders en zonen Auteur Ivan Toergenjev Uitgeverij Van Oorschot Prijs 15 euro (192 blz.)