Previous month:
december 2008
Next month:
februari 2009

Bart FM Droog: ’Alles is beter. Prachtig toch?’

BartKees Bart FM Droog (foto: DvhN/Kees van de Veen) werd nationaal bekend met Dichters uit Epibreren, richtte poëzie-internetkrant Rottend Staal op, was de eerste stadsdichter van Groningen en is nu actief in de gemeente Emmen. Volgende week verschijnt zijn vierde reguliere dichtbundel Veldheer en andere liefdesgedichten, en 1 februari treedt hij op in Nieuw-Schoonebeek tijdens Poëzie Dichterbij.

 

Emmen

 

"Tot en met mijn zeventiende heb ik in Emmen gewoond. Ik zat in de vijfde klas van het gymnasium. De wereld lonkte. Toen ben ik naar Groningen gegaan. Het was een prettige tijd in Emmen. Er gebeurde van alles. Veel jeugd, veel muziek, overal bandjes en optredens. Nu is dat allemaal anders, Emmen is minder levendig. Door de milieuwetgeving is er nauwelijks wat spontaans mogelijk. Dat is niet iets typisch voor Emmen, dat is een landelijk probleem."

 

Kraken

 

"In Groningen belandde ik in de kraakscene; ik heb een tijd in de Verffabriek aan het Boterdiep gewoond. Vervolgens ben ik het land doorgetrokken. Actievoeren, stenen gooien in Amsterdam - daar was ik niet zo goed in, ik kan niet mikken. Dus ben ik foto’s gaan maken in de frontlinie. Wat me zo trok aan dat activisme, was de adrenaline. Die opwinding, het groepsgevoel. Dat dierlijke en instinctieve. De rush die door je lijf gaat. Met idealen heeft het niks te maken, het gaat om de verdediging. ME’ers hebben precies hetzelfde. Ik had net zo goed een ME’er kunnen zijn."

 

Vasalis

 

"Mijn interesse voor poëzie werd gewekt toen ik 13 jaar was. We bespraken op school Afsluitdijk van Vasalis: ‘De bus rijdt als een kamer door de nacht/ de weg is recht, de dijk is eindeloos/ links ligt de zee, getemd maar rusteloos/ wij kijken uit, een kleine maan schijnt zacht’. Dat was zo’n openbaring. Dat je met weinig woorden, zoveel kunt zeggen. To the point. Kort daarop verschenen mijn eerste gedichten in de schoolkrant. Jules Deelder maakte veel indruk, en Bart Chabot, die toen net begon. Daarna heb ik ook Johnny van Doorn ontdekt."

 

Epibreren

 

"Ik wilde van het schrijven leven, van mijn pen bestaan. Met die ambitie ben ik uit Emmen vertrokken. Het is in een stroomversnelling geraakt toen in 1994 Dichters uit Epibreren werd opgericht. We deden alles zelf, we hadden een eigen boekingskantoor en konden veel optreden. Maar iedereen heeft ook zo zijn eigen bezigheden. De zakelijke kant is de minst leuke, maar kost de meeste tijd en daardoor is het stilgevallen. Epibreren bevindt zich nu in een slaaptoestand, net als The Last Poets. In maart bestaan we vijftien jaar en willen we weer iets gaan doen."

 

Sonja Bakker-koeken

 

"Naast het schrijven en optreden heb ik, als het nodig was, altijd in fabrieken gewerkt. Om het geld, maar ook vanwege het fysiek bezig willen zijn. Laatst heb ik een maand garnalen lopen sjouwen. In het begin ging dat heel slecht. Als schrijver zit je maar op je kont en dan ineens moet je je spieren gebruiken. Op een gegeven moment word je sterker, en kun je pakken van 25 kilo wegwerken. Vóór die tijd heb ik in een bakkerij gestaan, aan de lopende band vol kokosmakronen, amandelstaven en Sonja Bakker-koeken. Het ergst was in een verzinkerij, met een bak kokende zink van vierhonderd graden. Dat was de hel. Maar doorgaans is het goed te doen. Het brengt in je contact met mensen die hun leven eenvoudig houden en geen moeilijke woorden gebruiken als ‘pudeur’ terwijl je ook ‘schroom’ kunt zeggen. Heel gezond."

 

Dichter des Vaderlands

 

"Toen ik hoorde dat Tsead Bruinja op longlist stond om Dichter des Vaderlands te worden, moest ik even slikken. Ik ben langer bezig dan Tsead, ik ben bijna zijn nestor - hij heeft veel geleerd van wat wij deden met Dichters uit Epibreren. Na even nadenken, heb ik mijn diensten aangeboden. Zijn campagne gaat geweldig goed. Hij zorgt voor veel aandacht voor de poëzie en voor zichzelf als kandidaat. Dat het er op internet soms fel aan toegaat, tja, soms moet dat gewoon. Je kunt niet alles onweersproken laten. Als iemand onzin verkoopt, en je doet daar niets tegen, dan blijft die onzin jaren rondzingen."

 

Veldheer

 

"Veldheer en andere liefdesgedichten is mijn vierde bundel bij een echte uitgeverij, deze keer De Contrabas. Voor het eerst heb ik nauw samengewerkt met een professionele poëzielezer. Gevolg is dat ik de helft van mijn gedichten kon weggooien, die waren volgens mijn redacteur ‘kut’. Toen ik daar geen problemen bij maakte, schrok hij. Blijkbaar denken mensen dat ik snel kwaad word. Nee dus. De begeleiding is veel beter. Verschil is ook dat ik als dichter meer open ben geworden, dat ik kwetsbaar durf te zijn. Als ik het vergelijk met mijn eerdere bundels zijn mijn gedichten nu verhalender, is de compositie beter en is ook de vormgeving beter. Alles is beter, prachtig toch?"

 

Gemeentedichter

 

"Ik ben nog een jaar gemeentedichter van Emmen. Het verschil met Groningen is enorm. Daar had ik als stadsdichter een contactambtenaar en die hielp je overal doorheen. In Emmen kun je ook van alles organiseren, geen enkel probleem. Maar het publiek is zo klein dat het bijvoorbeeld geen zin heeft een groot poëziefestival op te zetten. Dus moet je andere dingen doen. Ik doe het met veel plezier. Ik leer Emmen nu beter kennen dan toen ik er nog woonde."


Acht films op vierde Documentaire Dag Drenthe

Op initiatief van Filmhuis Emmen, de Asser Filmliga en Filmhuis Hoogeveen vindt zondag de vierde Documentaire Dag Drenthe plaats in respectievelijk Utopolis, De Kolk en Luxor. Tussen 11.00 en 22.00 uur zijn in Emmen, Assen en Hoogeveen acht verschillende films te zien waarvan een deel eerder draaide tijdens het IDFA in Amsterdam.

 

Vertoond worden Lady Hul el Arab van Ibtisam Mara’ana (Hoogeveen en Assen), Burma VJ van Anders Ostergaard (Hoogeveen en Emmen), The Last Day of Shismaref van Jan Louter (Emmen en Assen), Waltz with Bashir van Ari Folman (Emmen en Assen), Young at heart van Stephen Walker (Emmen en Assen) en El Ovido van Heddy Honigmann (Emmen en Assen).

 

In Hoogeveen zijn voorts ook Calling E.T. van Prosper de Roos en Staphorst in Tegenlicht van E. en R. Rouveroy van Niewaal te zien. Deze laatste film gaat gepaard met een inleiding en een discussie. Zie ook www.asserfilmliga.nl www.filmhuishoogeveen.nl en www.filmhuisemmen.nl

 

De Documentairedag Drenthe is bedoeld als ‘podium vormen voor de verbeeldingskracht en de betrokkenheid van documentairemakers’. “Nederland heeft meer prijzen verdiend met korte en documentairefilms dan met speelfilms en toch is de documentairefilm een bedreigde cultuurvorm geworden, die maar mondjesmaat op het filmdoek wordt vertoond”, aldus de organisatoren.


Gedichtendag valt heel vroeg dit jaar

Officieel is het nog zes nachten slapen tot Gedichtendag, maar nu al buitelen de poëzieactiviteiten in Noord-Nederland over elkaar heen. Een voorlopig overzicht. Zie ook www.gedichtendag.org  www.poeziemarathon.nl en www.gemeentedichteremmen.nl

 

24/1

Assen, Van der Valk Hotel: Avond rond honderdste geboortedag Robert Burns.  

Delfzijl, Bibliotheek, 14.00 uur: Gemeenteraadsleden lezen hun favoriete gedichten.

Giethoorn, Doopsgezinde Kerk, 14.30 uur: Presentatie dichtbundel Aardse zaken van Kees Blokland en Famke Hajonides van der Meulen (ill.).

 

25/1

Groningen, Eetcafé De Balk, 19.00 uur: Avond rond honderdste geboortedag Robert Burns.

Groningen, Het Paleis, Boterdiep, 15.00: Presentatie bloemlezing Meesterwerk door Daniël Dee.

 

28/1

Emmen, Bibliotheek, 19.30 uur: Lezing Bert de Haan over Willem Wilmink.

Groningen, Café Marleen, 20.30 uur: Presentatie bundel Ongerijmd van De Dichtclub.

Groningen, Vera, 22.00 uur: Gedignag met o.a. Jaap Blonk, Def P, Stuurbaard Bakkebaard. Officiële start tiende Poëziemarathon Groningen.

 

29/1

Assen, Boekhandel Iwema, 16.00 uur: Hedwig Baartman, Egbert Hovenkamp II en Peter van de Peppel maken gedichten bij ‘dingen die klanten meebrengen’.

Delfzijl, Bibliotheek, 20.00 uur: Lezing Fetze Pijlman over dichten en het noordelijke kustgebied.

Groningen, Boekhandel Godert Walter, 19.00 uur: Groningstalige poëzie door Fieke Gosselaar, Aly Freije en Reinder Willem Hiemstra.

Groningen, De Oosterpoort, 8.00 uur: Poëzieontbijt met Tsead Bruinja en Erik Menkveld.

Groningen, Grand Theatre, 20.30 uur: Slotmanifestatie en bekendmaking nieuwe Stadsdichter van Groningen.

Hoogeveen, Tamboerpassage, 11.00 uur: Delia Bremer deelt schilderijen met elfjes uit aan voorbijgangers.

Hoogezand, Biblioheek 14.00 uur: Leden van de Rederijkerskamer Tollens dragen voor.

Leek, Bronsema-Bosman, 14.30 uur: Poëziemiddag Coulissen Poëzie.

Leeuwarden, De Harmonie, 8.00 uur: Poëzieontbijt met Derwent Christmas en Sieger MG.

Nijverdal, Zinin Theater, 16.00 uur: Presentatie bloemlezing Geen dag zonder gedicht, 365 gedichten uit Overijssel en bekendmaking Provinciedichter Overijssel.

Stadskanaal, Theater Geert Teis: Muzikale avond van het gedicht met Jacob de Haan, Ernst Daniël Smid, Annemarie Kremer en Johan Friso Kapel.

 

1/2

Emmen, Nieuw-Schoonebeek, Schoonebeek, Nieuw-Amsterdam, 14.00, 15.00 en 16.00 uur: Poëzie Dichterbij met voordrachten door '27 gewone en ongewone inwoners van de gemeente Emmen'.


Lezing over religieuze groei van Willem Wilmink

Schilder, dichter en verhalenverteller Bert de Haan geeft 28 januari in de bibliotheek van Emmen een lezing over Willem Wilmink. Tijdens de lezing schetst De Haan, schrijver van het boekje Willem Wilmink, dichter bij de hemelpoort aan de hand van proza- en liedteksten in vogelvlucht het leven van Wilmink. Het accent ligt daarbij diens spirituele en religieuze groei.

 

De Haan in een toelichting: “Willem Wilmink werd opgevoed in een atheïstisch milieu, maar kreeg alle ruimte om zijn eigen weg te vinden. Zo werd hij volgens zijn vriend, Herman Finkers, ‘een atheïst die er niks meer aan doet’. Tijdens mijn lezing in de bibliotheek komen ruim veertig gedichten en liedjes van Wilmink aan bod, plus de nodige verbindende teksten.” Aanvang 19.30 uur, entree €3 (leden), €4 (niet-leden).


De laatste loodjes van stadsdichter Sinkgraven

RenseCorne Niet alleen voor DiDeVa Driek van Wissen zit het er bijna op, ook de termijn van de Groninger stadsdichter Rense Sinkgraven loopt ten einde. Vrijdagochtend heeft hij tussen 10.00 en 12.00 uur zijn allerlaatste spreekuur in de Openbare Bibliotheek van Groningen. Volgende week doet hij nog een plakactie met het Poesie Collectief, waarbij posters met ‘kernachtige en soms prikkelende poëtische zinnen’ worden verspreid, en dan is het voorbij.

Op 29 januari wordt tijdens de slotmanifestatie van de Poëziemarathon in het Grand Theatre bekendgemaakt wie na Bart FM Droog, Ronald Ohlsen en Sinkgraven de vierde stadsdichter van Groningen wordt. Naar verluidt zijn er zestien kandidaten. Genoemd worden onder anderen Sieger MG, André Degen, Jurre van den Berg, Kasper Peters, Anneke Claus en Coen Peppelenbos. Met name de laatste twee gelden als de grote kanshebbers.

Anders dan bij de Dichter des Vaderlands vindt de benoeming in Groningen achter gesloten deuren plaats. In de benoemingscommissie zitten Doeke Sijens van de bibliotheek, Ilona Duits van boekhandel Selexyz en Maarten Praamstra van Literair Dispuut Flanor. Aan een stadsdichter in Groningen worden drie eisen gesteld: hij of zij moet in de gemeente Groningen wonen, werk op professioneel niveau kunnen laten zien en/of met eigen werk hebben opgetreden.


Harry Muskee krijgt het woord en 'Wah Wah' valt stil

WahWah Drie jaar geleden lanceerde de nog jonge uitgeverij Nieuw Amsterdam een nieuw blad in de geest van Hard Gras en De Muur: literair poptijdschrift Wah Wah. Dagblad van het Noorden was over de eerste proeve van bekwaamheid slecht te spreken. ‘Het ene oor in, het andere oor uit’ luidde de kop boven een recensie. En even verderop: "Gaat Wah Wah het redden? Misschien helpt het om te denken dat dit een per ongeluk uitgegeven nul-nummer is."

 

We zijn nu twaalf nummers verder, het blad bestaat dus nog steeds*. Uitgeverij Nieuw Amsterdam heeft inmiddels literaire prijzen in de wacht gesleept en Wah Wah is zelfs een paar keer spraakmakend geweest. Zoals met aflevering nummer tien, toen Joost Zwagerman ‘100 en enige schrijvers’ had gevraagd om hun beschrijving van het album dat ze mee zouden nemen naar een onbewoond eiland.

 

Het leidde niet tot de keuze van verrassende platen, maar wel tot zeer aardige stukjes. Zoals van Herman Franke over Music from the big pink van The Band, Marcel Möring over OK Computer van Radiohead, Tsead Bruinja over Marbles van Marillion en Louis Th. Lehmann over Sgt. Pepper van The Beatles. Twee lessen konden er uit dat nummer getrokken worden: smaak is een rekbaar begrip en met ingrijpen van buitenaf wordt een tijdschrift soms ineens veel leuker.

 

Dat laatste blijkt ook uit de keuze voor Johan Derksen als gastredacteur voor Wah Wah nummer 12. Dat van die redacteur moet niet al te letterlijk worden genomen. Derksen kreeg op de eerste plaats alle ruimte voor een schijnbaar ongeredigeerd interview met zijn vriend en inspiratiebron Harry Muskee. Derksen schrijft zelf anderhalve pagina vol en geeft dan de microfoon over aan ome Harry die ‘m vervolgens niet meer afstaat.

 

29 bladzijden praat Muskee vol, zonder adem te halen. Over het vroegste begin van Cuby, de tijd bij de Drentse en Asser Courant, het avontuur met Van Morrison, het belabberde middenstuk van de band en het gedoe met Eelco Gelling. Een fijn stukje Nederpophistorie met naam en toenaam. Thijs van Leer heet een zachtgekookt ei, Rob Hoeke een zendamateur met een liefde voor speed, Herman van Boeyen een van de weinige niet gezellige muzikanten in Nederland.

 

Van één zo’n lang verhaal wordt een tijdschrift al snel veel beter, al valt er nog steeds iets te klagen. Zoals over het vertrek van Daniël Lohues als columnist en het schrappen van de tekeningen van Barbara Stok, terwijl de Easy Aloha’s wel mochten blijven. Of over het nog altijd hoge ouwelullen- gehalte met stukken over Buddy Guy en de verzamelwoede van Harry Smith. Maar dat Wah Wah inmiddels iets toevoegt, dat staat buiten kijf.

 

Soms is het tijd om een vroeg geuite mening te herzien.

 

Tijdschrift: Wah Wah 12. Auteurs: Johan Derksen. Bert Natter, Thomas Verbogt e.a. Uitgever: Nieuw Amsterdam. Prijs: €7,95 (112 blz.).

 

* Bovenstaande bespreking is net voltooid en de redactie van Woest en Ledig ontvangt het bericht dat Wah Wah in zijn huidige vorm zal ophouden te bestaan. “Na twaalf nummers komt er een einde aan de driemaandelijkse uitgave volgens het voor u bekende concept", aldus de uitgever in een brief aan de abonnees. "Wel zal er op onregelmatige basis een themanummer in boekvorm worden gemaakt, uiteraard opnieuw uitgegeven door Nieuw Amsterdam.”


Driek van Wissen weerspreekt Ramsey Nasr

Naar aanleiding van de kritiek van DiDeVa-kandidaat Ramsey Nasr in de Volkskrant stuurde zittend Dichter des Vaderlands Driek van Wissen aan Woest en Ledig de volgende tekst:

 

“Het ingezonden artikel op de Forumpagina van maandag 19 januari in de Volkskrant over de verkiezing van de nieuwe Dichter des Vaderlands van de hand van de dichter Ramsy Nasr, een van de vijf kandidaten voor mijn opvolging, kan ik niet onweersproken laten.

 

Zijn stelling dat ik vier jaar geleden Dichter des Vaderlands werd dankzij het uitdelen van balpennen is niet alleen een simpele en wellicht moedwillige misvatting, maar ook een onderschatting en belediging van de vele kiezers die toen hun stem op mij hebben uitgebracht. Bij wijze van practical joke heb ik destijds inderdaad 150 balpennen met een wervend versje erop laten maken en die pennen heb ik wel eens mondjesmaat aan deze of gene gegeven, maar dat ik die zomaar op straat in grote aantallen zou hebben uitgedeeld is absoluut niet waar. Wellicht is Ramsey Nasr misleid door het grappige filmpje over mijn zogenaamde campagne die tijdens de verkiezingsuitzending vier jaar geleden door de NPS vertoond is, maar dan heeft hij niet de ironie doorgehad waarmee dit filmpje gemaakt is, al lag het er volgens mij dik bovenop.

 

Maar ook toen ging het bij de verkiezing wel degelijk om de poëzie. Dat bleek in de genoemde televisie-uitzending zonneklaar uit de discussie die in het programma gevoerd is tussen Joost Zwagerman en Ivo de Wijs, waarbij de vraag was aan welke eisen de poëzie van een eventuele Dichter des Vaderlands moest voldoen. De keuze was kort samengevat de volgende: moet de poëzie vooral vernieuwend, meerduidig en ontregelend zijn zonder vaste vormvoorschriften (Zwagerman) of moet de poëzie eerder begrijpelijk, ontroerend en eventueel vermakelijk zijn en mag ze desnoods ook vormvast en rijmend zijn (De Wijs)? Impliciet wijst Ramsey Nasr ook op deze tegenstelling: hij heeft het eveneens over de poëzie die meerduidig is en “waarin de lezer en ook de dichter kan verdwijnen” (sic!) en daarnaast noemt hij ook een snel geschreven rijmend en goed klinkend gedicht “charlatanerie, maar poëzie is het niet “ (sic!).

 

Goed, Ramsey Nasr schijnt te weten wat poëzie is en wat niet, maar de gemiddelde kiezer denkt daar kennelijk anders over. Ik ben er namelijk nog steeds van overtuigd dat mijn uitverkiezing met royale meerderheid niet op de eerste plaats aan mijn balpennen te danken is maar aan mijn toegankelijke poëzie, waarvoor ik in brede kring nog dikwijls veel waardering ontvang, al is de literaire kritiek op zijn minst verdeeld. En ook het “lokale sentiment” was niet doorslaggevend. Zeker, veel Groningers hebben op mij gestemd, maar ik weet dat ik vier jaar geleden ook na aftrek van de Groningse stemmen gewonnen zou hebben.

 

En dat helemaal niet omdat ik de beste dichter van Nederland was, ik weet wel beter, maar kennelijk wel omdat ik mogelijkerwijs aan de speciale eisen kon voldoen die aan het Dichter des Vaderlandsschap gesteld werden. En dan heb ik het niet alleen over de toegankelijkheid voor een breed publiek, maar ook over de bereidheid om mij energiek in te zetten voor de verdere verbreiding van de poëzie, ook in kringen die er vaak nog weinig mee op hebben, en over de vaardigheid om in een gedicht snel op de actualiteit van alledag te reageren.

 

Wat dat betreft brengt het artikel van Ramsey Nasr mij wel aan het twijfelen aan zijn geschiktheid om mij op te volgen. Zijn weigering om in pakweg één dag een gelegenheidsgedicht voor een van onze beste cultuurprogramma’s op de radio te schrijven belooft niet veel goeds. Een extra proeve van bekwaamheid zou dunkt mij in elk geval zijn kandidatuur versterkt hebben. En ook het excuus dat hij “vijf dagen in de week op tournee is met een literaire voorstelling” vervult mij met zorg. Mijn ervaring is dat het Dichterschap des Vaderlands een dagtaak is. Als je de functie serieus neemt en zoveel mogelijk aan alle verzoeken voor gelegenheidsgedichten, optredens, jurylidmaatschappen, openingen, in ontvangstnemingen van boeken van anderen en noem maar op wilt voldoen, heb je er meer dan een dagtaak aan. Het Dichterschap des Vaderlands doe je er niet zo maar even bij.

 

Maar deze opstelling geeft wellicht al een indicatie hoe hij de functie in zou willen vullen. Ook dat is voor de kiezers interessant om te weten. En dat natuurlijk van alle kandidaten. Met al hun speciale voornemens en plannen. Niet alleen de poëzie zelf moet dus in dit geval een rol spelen, ook andere zaken. Daar is een campagne voor om dat duidelijk te maken. Zo hoort dat bij verkiezingen. Daarin verschilt de poëzie niet van de politiek.

 

Nee, met een campagne is dus niks mis, het is in elk geval geen reden om er zoals Ramsey Nasr “misselijk van te worden”. Dankzij zo’n campagne zijn de kiezers mans genoeg om de beste keuze te maken. Dat zullen ze dit keer ook doen. Net zo goed als vier jaar geleden, toen men massaal gevolg gaf aan de oproep van het rijmpje dat ik op die 150 balpennen had laten zetten:

 

Wie vakkundig kan beslissen

in de jaren des verstands

is ervoor dat Driek van Wissen

Dichter wordt des Vaderlands.”

 

Driek van Wissen, Dichter des Vaderlands


Tweedaagse Schubertiade in Emmen

De bibliotheek in Emmen, Centrum voor de Kunsten CQ en de stichting Grote Kerk Cultureel hebben de handen ineengeslagen voor een zogeheten Schubertiade op 22 en 23 januari. Het evenement rond de Oostenrijkse componist Franz Schubert (1797 – 1829) omvat een lezing met film en een concert met werken als het Eerste pianotrio en het Forellenkwintet.

 

De lezing wordt 22 januari gegeven door Leonard Leutscher en gaat onder meer in op Schuberts leven en zijn interesse voor spartelende visjes. Aanvang is 19.30 uur in de bibliotheek in Emmen. Een dag later, 23 januari, speelt het Orion Ensemble in de Grote Kerk in Emmen met dezelfde Leonard Leutscher (piano), Carla Schrijner (cello), Pauline Terlouw (viool), Prunella Pacey (altviool) en Ying Lai Green (contrabas). Aanvang 20.00 uur. Kaarten voor de lezing kosten €5, voor het concert €10. Een combinatieticket kost €12,50.


Waar zijn de plannen? Daar zijn de plannen!

Om enige orde aan te brengen in de brij aan berichten rond de verkiezing van een nieuwe Dichter des Vaderlands het volgende: de bespreking van de plannen van Erik Menkveld vindt u hier, die van Ramsey Nasr vindt u hier, die van Tsead Bruinja hier. De bespreking van de plannen van Joke van Leeuwen is te lezen op deze plek en over de plannen van Hagar Peeters leest u hier.

 

Voor de ongeredigeerde plannen verwijst Woest en Ledig graag naar de officiële verkiezingssite van de Dichter des Vaderlands. Daar treft u ook ingangen naar websites die over ‘het circus’ berichten en verwijzingen naar meer informatie over de deelnemende dichters, met of zonder campagne. Stemmen op een kandidaat voor de nieuwe Dichter des Vaderlands kan nog tot en met 27 januari. De bekendmaking is 28 januari.


Tjibbe Veldkamp: 'Voorlezen gezellig? Niks ervan!'

Anton Woensdag gaan De Nationale Voorleesdagen van start, te beginnen met het Nationale Voorleesontbijt. Een prima initiatief, zegt de Groninger kinderboekenschrijver Tjibbe Veldkamp. Maar voor jongens is er niets aan.

 

Jonge kinderen laten zich graag voorlezen. Tot ze een jaar of vijf worden. Meisjes van die leeftijd kunnen dan nog wel luisteren, maar veel jongens vinden er niets meer aan. Tjibbe Veldkamp meent een verklaring te hebben gevonden voor het afhaakgedrag. "Het ligt aan de boeken. Die sluiten veel te weinig aan bij de interesses van jongens."

 

Veldkamp merkte het bij zijn eigen zoon, inmiddels acht jaar oud. "Hij is geïnteresseerd in wapens, zoals zoveel jongens. Maar prentenboeken over wapens zijn er niet. Om hem toch voor te kunnen lezen, heb ik een non-fictieboek over wapens uit de bibliotheek gehaald en alles naar zijn niveau vertaald."

 

De oorzaak van het gebrek aan boeken voor jongens schrijft Veldkamp toe aan wat hij noemt de feminisering van de kinderboekenwereld. "Bij bibliotheken, boekhandels en uitgevers van kinderboeken werken overwegend vrouwen. Veel prentenboeken voor kinderen worden gemaakt door vrouwen en gekocht door vrouwen. En als er wordt voorgelezen, gebeurt dat meestal door moeders."

 

De feminisering is niet zonder gevolgen, waarschuwt de schrijver. "Als kinderen op jonge leeftijd worden voorgelezen, is dat goed voor hun taalontwikkeling. Daarnaast vergroot het de kans dat ze ook later naar een boek grijpen. Maar dan moeten er wel boeken zijn die hen aanspreken. Bij jongens gebeurt dat nu te weinig."

 

Het maken van prentenboeken voor jongens is niet zo moeilijk als het lijkt, stelt Veldkamp. Zijn laatstverschenen boek Agent en Boef kan als bewijs dienen, onlangs werd het bekroond met de Leespluim. "Ik stond zelf ook nooit bij stil bij het verschil tussen jongens- en meisjesboeken," zegt Veldkamp. "Agent en Boef is het eerste boek dat ik speciaal voor jongens heb gemaakt."

 

Veldkamp heeft niets tegen prentenboeken waarin warme gevoelens en liefde centraal staan. "Maar voor jongens van 4, 5 en 6 jaar zijn dit niet de meest geschikte boeken. Wat niet wil zeggen dat het altijd over dinosaurussen en piraten moet gaan. Vaak is meer actie en meer spanning al voldoende. Voorlezen gezellig? Niks ervan! Voorlezen is avontuur."