'Het Pauperparadijs' dingt naar Grote Geschiedenis Prijs
Stilte, geluid, muziek en Belcampo

‘Wacht niet tot na het ontbijt’

WerkmanZelfportret ‘Zelfportret, half naar links‘ (ca. 1934) van H.N. Werkman

 

In de hoop jongeren iets mee te geven over kunst en cultuur worden op scholen kunstmenu’s aangeboden. Hoe ging zoiets in het Assen van 1894? “De gebroeders Werkman zijn creatief en maken hun eigen speelgoed: papieren soldaten en speelgoedrenstallen met paardjes gezaagd uit hout”, lezen we in het boek H.N. Werkman. Het complete oeuvre. “Ze hebben bovendien een speelgoeddrukpers waarop ze boekjes maken.”

 

Een speelgoeddrukpers? Bij Bart Smit in Assen verkopen ze anno 2008 geen speelgoeddrukpersen. Nooit gedaan ook. Als Hendrik Nicolaas Werkman – over hem hebben we het – in deze eeuw jong zou zijn geweest, had hij via internet een pc en kleurenprinter gekocht om met zijn broers boekjes te maken. En dan in niet Assen, want zijn moeder had als weduwe uit Leens met drie kinderen nooit bij haar zus hoeven inwonen.

 

Werkman (1885 – 1945) staat deze zomer volop in de schijnwerpers. Nadat vorige maand twee monumentale boeken rond zijn werken werden gepresenteerd en in het Joods Historisch Museum in Amsterdam een tentoonstelling werd geopend rond ‘zijn’ uitgeverij De Blauwe Schuit, wordt met ingang nu zijn ontwikkeling als kunstenaar geschetst in het Van Gogh Museum in Amsterdam.

 

Druksels luidt de toepasselijke titel van de expositie in Amsterdam, een woord voor vrij werk en werk in opdracht – in alle soorten en maten. Want Werkman begint als drukker, in 1900 in Sappemeer, en eindigt ook zo. Drie dagen voor de bevrijding van Bakkeveen wordt hij doodgeschoten door de Duitsers, verdacht van het vervaardigen van illegaal drukwerk. In de tussenliggende jaren weet hij keer op keer zijn werk te vernieuwen, van abstract naar figuratief.

 

Werkman deed en kon als drukker meer dan in zijn tijd voor mogelijk werd gehouden. Over zijn zakelijke kwaliteiten moeten we kort zijn: zijn hart ging vooral uit naar de kunstzinnige kant van zijn vak. Van groot belang in dat verband is zijn toetreding in 1919 tot de Groninger kunstkring De Ploeg.

 

Wat opvalt, is een enorme gedrevenheid. Uit een manifest dat voorafgaat aan de beroemde uitgavenreeks The Next Call, waarin hij zijn visie op kunst en druktechniek demonstreert: “Aangezien wij dus overtuigd zijn dat het nog niet te laat is, zullen wij spreken. (…) Kunst is overal. Zijgedrevenheid. voorafgaat uitgavenreeks op demonstreert: overtuigd zullen Zij wordt den mensch als het ware door de vogels op de jas geworpen. (…) Naar de dageraad, als gij pionier wilt zijn. Getuig. Spreek. Wacht niet tot na het ontbijt, uit vrees dat uw opgewarmde koffie koud zal worden.”

 

The Next Call bestaat slechts negen nummers, tot halverwege 1926, als zijn drukkerij bijna failliet is. In de jaren daarna ontpopt Werkman zich definitief tot een kunstenaar die niet in één hokje is te stoppen. Hij filosofeert, bewondert, schildert, tekent, exposeert, correspondeert, schrijft gedichten, zuigt talloze invloeden in zich op: kubisme, expressionisme, dadaïsme, constructivisme. Groningen blijkt in de jaren twintig en dertig op kunstgebied verre van geïsoleerd.

 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog belandt de carrière van Werkman in een stroomversnelling. Allereerst is er het contact met de vriendengroep De Blauwe Schuit, de latere clandestiene uitgeverij die de Groninger drukker bekend maakt bij literair en lezend Nederland. Daarnaast is er de schaarste aan middelen die hem dwingt tot nog creatievere oplossingen. Het leidt in 1941 tot de creatie van de Chassidische legenden, volgens velen hét hoogtepunt van zijn artistieke werk.

 

De prenten van de Chassidische legenden maakten H.N. Werkman legendarisch, net zoals Het lied der achttien dooden de dichter Jan Campert legendarisch heeeft gemaakt. Toch is Werkman nooit opgenomen in de canon van de beeldende kunst in Nederland. In het boek H.N. Werkman. Het complete oeuvre wordt uitgebreid stil gestaan bij de vraag waarom zijn doorbraak is uitgebleven, ondanks alle onmiskenbare kwaliteiten.

 

Op de eerste plaats was Werkman geen schilder, maar een drukker en daardoor voor critici lastig te definieren. Op de tweede plaats is zijn schaarse en vaak kwetsbare (druk) werk te weinig geëxposeerd om breed bekend te raken. En ten derde werd hij halverwege de vorige eeuw te veel geassocieerd met De Ploeg, met kunst die lange tijd is weggezet als een aftreksel van het Duits expressionisme.

 

Wie de expositie in het Joods Historisch Museum bezoekt, weet welk onrecht hem daarmee is aangedaan. En alsof het nog nodig is, neemt Druksels in het Van Gogh Museum het allerlaatste beetje twijfel weg. Werkman zaaide ook zonder De Ploeg en was ook zonder De Blauwe Schuit ongetwijfeld verder gekomen. Maar zoals altijd liep het net weer even anders.

 

Expositie en boek

 

‘Druksels’ met werk van H.N. Werkman is tot en met 12 oktober te zien in het Van Gogh Museum in Amsterdam. Zie ook www.vangoghmuseum.nl  Het boek ‘H.N. Werkman. Het complete oeuvre’ is verschenen bij Nai uitgevers. Prijs: 65 euro (536 blz.)