Previous month:
maart 2008
Next month:
mei 2008

Schrijver Hans Kuyper ontvangt Drentse kei

Jeugdboekenschrijver Hans Kuyper neemt dinsdag 22 april in de bibliotheek van Sleen de Drentse Kei ontvangst, een jaarlijkse publieksprijs voor het populairste jeugdboek onder basisscholieren in Drenthe. Kuyper krijgt de onderscheiding voor het boek De fluisterkelders waarmee hij de Drentse Top 5 aanvoert. Andere titels in de top vijf zijn Muffin van Anna Jansen-Gronkowska, Goud, juwelen en rum van Maaike Fluitsma, Oranje boven van Petra Cremers en Kees & Co van Harmen van Straaten.


Jean Pierre Rawie volgens Hester Schroor

Jeanpierrerawieschroor_2Het Drents Museum toont naast de publiekstrekkende tentoonstelling rond het Terracottaleger van Xi’an momenteel nog een expositie: Vertekend. Schilderijen van Hester Schroor. Met dan honderd schilderijen omvat het grote overzicht van de Groningense kunstenares die tijdens haar opleiding aan Academie Minerva les kreeg van docenten als Wout Muller en Ger Siks.

Schroor beschikt over een 'tekenachtige schilderstijl waarbij uiterlijke kenmerken als ogen, neuzen en handen worden uitvergroot'. Ze werkt niet naar de werkelijkheid, maar wil met haar schilderijen laten zien hoe zij zichzelf en haar omgeving ervaart en wat er in de mensen die ze portretteert schuilt. Dus als ze de dichter Jean Pierre Rawie schildert (foto), zegt dat meer over haar zelf, dan over Rawie. Vertekend is nog tot en met 15 juni te zien in het Drents Museum in Assen.


Een gevangene dicht om open te zijn

Vinkenoog2Hij mag niet op de foto, z’n verblijfplaats mag niet genoemd, we mogen zijn achternaam niet weten en we mogen ook niet bekendmaken waarvoor hij is veroordeeld. Zelf wil de 43-jarige TBS-er Marcel best op alle vragen antwoord geven. Maar ja, regels zijn regels. Helemaal in de gevangenis. Ook op de dag dat zijn openhartigheid tijdens een Bajesconcert in Norgerhaven, Veenhuizen wordt bejubeld en geprezen.

Marcel is met Leven na TBS uitgeroepen tot winnaar van een landelijke dichtwedstrijd onder gedetineerden in Nederland. Zeventig inzendingen kreeg juryvoorzitter Simon Vinkenoog (foto) voorgelegd. Die van Marcel sprong er uit vanwege de vorm én de inhoud: acht kwatrijnen waarin een persoonlijke verandering onder woorden wordt gebracht. Donderdag werd het winnende gedicht in Norgerhaven door zangeres Esther Hart als een dramatische popsong op muziek vertolkt.

“Ik ben niet zo’n prater”, verklaart de dichter, een op het oog breekbare man met een wat jongensachtige uitstraling. “Door zinnen en gedachten op papier te zetten, kan ik de dingen die mij dwars zitten van mij afschrijven. En dan lukt het me om rustig te slapen. Ik maak al sinds mijn vijftiende gedichten. Ik heb het geleerd op de Mavo van mijn leraar Nederlands. Zoals Esther Hart het zingt, heb ik mijn gedicht precies bedoeld.”

In Leven na TBS beschrijft Marcel hoe tijdens zijn gevangenschap zijn toekomstdroom teloorgaat. In de eerste strofe is nog sprake van een eigen huis, een vrouw en kinderen. In de voorlaatste strofe hoopt hij op begeleid wonen: ‘Als ik hier ooit verdwijn/ Ik zou nooit gaan trouwen/ Eigen kinderen, niet voor mij.’ Het is geen Achterberg, maar het gedicht werkt uitstekend.

Leven na TBS bestrijkt zeventien jaar gevangenschap. Marcel: “Ik heb op mijn 25ste TBS gekregen. Het probleem is, dat ik nooit weet wanneer ik vrijkom. Ik word ieder twee jaar opnieuw beoordeeld, dan kun je nauwelijks iets opbouwen – een relatie en kinderen zit er niet in. En als ik vrijkom, heb ik het TBS-stempel waardoor ik moeilijk aan werk en woning kan komen. Dat is wat ik wil uitdrukken.”

Er wordt veel poëzie geschreven in gevangenissen, weet directeur Rien Timmer van Exodus, een stichting die (ex)gedetineerden begeleid. “In de gevangenis word je op jezelf teruggeworpen. De mogelijkheden om iets van jezelf te laten zien, zijn beperkt. Het schrijven van gedichten is een goede manier om een brug te slaan naar buiten. ‘Ik dicht om open te zijn’, schreef iemand. Dat zegt het helemaal.”

Bajesconcert

Het Bajesconcert met het gedicht van Marcel wordt 20 april door de NCRV uitgezonden op Radio 2 in het programma Volgspot met Hijlco Span. Simon Vinkenoog draagt dan ook andere bajespoëzie voor. Aanvang 23.00 uur.


Randall.C wint VPRO Debuutprijs 2008

Randallc_debuutprijs_2De Vlaamse illustrator Randall.C heeft donderdag in het Joost Historisch Museum in Amstyerdam de VPRO Debuutprijs 2008 gekregen als de beste debuterende Nederlandstalige stripmaker van de afgelopen twee jaar. Randall. C kreeg de prijs (€750) voor Slaapkoppen, een volgens de jury hoogst origineel en grappig spel met wolken en woorden, droom en realiteit, poëzie en humor, filosofie en absurditeit.

Uit het rapport: “Randall.C’s buitengewoon vernieuwende, eigenzinnige grafiek en aparte kleurgebruik springen eruit tussen de vele strippublicaties van de laatste jaren. Wát een fantasie en wát een beeldende kracht. Slaapkoppen is Randall.C’s visitekaartje als stripmaker. Het doet nog veel moois en eigenwijs verwachten.” Eerder winnaars van de prijs zijn Floor de Goede (2006), Gerolf van de Perre (2004) en Benno Vranken (2002).


En de winnaars zijn: Anniek en Daphne

Voorleeswinnaars_4Anniek Haagsma (boven) en Daphne Klerk (onder) mogen respectievelijk Drenthe en Groningen vertegenwoordigen tijdens de finale van de nationale voorleeswedstrijd op 21 mei in Amsterdam. De twee basisscholieren wonnen gisteren de provinciale eindronden in Assen en Stadskanaal.

Anniek Haagsma, leerling van basisschool ‘t Eenspan in Emmen, werd in De Schalm tot winnaar uitgeroepen na het voorlezen uit Rampenkamp van Mirjam Oldenhave. In Drenthe deden in totaal elf kinderen mee aan de provinciale voorleesfinale. Aan de Drentse voorronden hebben ruim 2800 kinderen van 155 scholen meegedaan.

Daphne Klerk, leerling van de christelijke basisschool Van Panhuys in Leek, won in theater Geert Teis in Stadskanaal na het voorlezen uit de GVR van Roald Dahl. In Stadskanaal telde de finale 13 deelnemers. Aan de voorronden in de provincie Groningen deden ruim 2700 kinderen van 145 scholen mee.

De voorleeswedstrijden worden in heel Nederland georganiseerd om het lezen onder kinderen te stimuleren. Dit jaar namen ruim 84.000 kinderen deel. Meest voorgelezen schrijvers zijn Jacques Vriens, Francine Oomen en Carry Slee. Meest voorgelezen boeken zijn Achtste-groepers huilen niet van Jacques Vriens en Hoe overleef ik de brugklas en Hoe overleef ik mezelf van Francine Oomen.


Monument voor de TT motorraces

Hpim7359Drenthe is een nieuw monument met megalithische trekken rijker. Op een defensieterrein langs de A28 bij Assen is een grote stenen TT-Landmark geplaatst ontworpen door Rob Schreefel uit Amsterdam. De twee letters, gemaakt van rood-oranje graniet, wegen bij elkaar negentig ton en zijn ieder 7,5 meter hoog. Ze staan op een kunstmatige heuvel van ongeveer vier meter hoogte.

Het beeld is gemaakt naar een idee van architect Jan Timmer uit Winschoten die, in de geest van Stonehenge in Engeland, een symbool voor de eeuwigheid wilde laten verrijzen ter gelegenheid van 75 jaar TT motorraces in Assen. Schreefel werd voorgedragen door Hans Zabel. Deze 'kunstanimator' uit Ees is sinds 1995 bezig het Drents landschap te voorzien van reusachtige beelden van natuursteen.


Kunstproject 'Warriors' kiest acht beeldhouwers

Zhang_yangen_300_20_aDe stichting Krijgskunst Drenthe heeft acht beeldhouwers geselecteerd voor het kunstproject ‘Warriors' in het Asserbos in de Drentse hoofdstad. De kunstenaars strijken op 2 juni in het bos neer om onder toeziend oog van het publiek veertien dagen achtereen beelden te maken geïnspireerd op de terracotta-tentoonstelling in het Drents Museum. De resultaten worden aansluitend tot en met 30 september opgesteld in de Gouverneurstuin bij het museum.

De kunstenaars zijn afkomstig uit verschillende delen van China en Taiwan: Beijing, Zhangsu, Macau en Junang. Anders dan door media gemeld zullen zij in Assen geen beelden van het terracottaleger namaken, maar autonoom werk leveren. De organisatie van de manifestatie is in handen van Adri de Fluiter die eerder vergelijkbare initiatieven van de grond tilde in Barger-Compascuum (Peatpolis) en deze zomer voor het vierde achtereenvolgende jaar kunstenaars ter plekke beelden laat maken in de bossen Schoonoord.


Een boek als de rijstebrijberg

Vaderland_voor_de_muzenTwaalf jaar geleden besloot de Taalunie dat het weer tijd werd om te bepalen waar het allemaal op staat. Een jaar later gingen de ministers van onderwijs in Nederland en Vlaanderen akkoord met een voorstel om voor een breed publiek in zeven delen de geschiedenis van de Nederlandse literatuur te beschrijven. In 2006 rolden de eerste twee kloeke banden uit de drukkerij.

De jongste aflevering uit de reeks heet Een nieuw vaderland voor de muzen en behandelt de literatuur tussen 1560 en 1700, de jaren die in Holland de Gouden Eeuw worden genoemd. De auteurs, Karel Porteman en Mieke B. Smits-Veldt, beginnen hun uiteenzetting als ons taalgebied door de Tachtigjarige oorlog in een katholiek en een protestants deel wordt geknipt en eindigen als de economische bloei plaats heeft gemaakt voor bezinning en contemplatie.

Vergeleken met Stemmen op schrift (deel 1) en Het gevleugelde woord (deel 3) is in deze geschiedenis de rij bekende schrijvers beduidend langer. Dat is niet zozeer omdat hun werk nog zo volop bij lezers leeft, maar veeleer omdat in de negentiende eeuw, uit een verlangen naar de gouden tijden, nogal wat straten, pleinen en scholen naar hen zijn vernoemd: Bredero, Joost van den Vondel, Revius, P.C. Hooft, Jacob Cats, Constantijn Huygens.

Net als bij de boeken van Frits van Oostrom en Herman Pleij voert het te ver om Een nieuw vaderland voor de muzen een prettig leesboek te noemen. Dat heeft alles te maken de opzet van de reeks. Anders dan in het verleden is deze literatuurgeschiedenis geen opsomming van feiten, titels en biografieën, maar is gekozen voor het beschrijven van een tijdsbeeld. De schrijvers en hun werk zijn steeds onderdeel van een sociale en culturele context.

Liet Van Oostrom in Stemmen op schrift zien hoe de literatuur kon ontstaan en vertelde Pleij in Het gevleugelde woord over de verspreiding onder het volk, bij Porteman en Smits-Veldt is sprake van vernieuwing en krijgen de teksten uiteenlopende, maatschappelijke functies. Er wordt literatuur gemaakt ter lering en vermaak, voor politieke én religieuze doeleinden. De rederijkers vormen de eerste literaire netwerken en geven de aanzet voor de theatercultuur.

Die netwerken zijn eind zestiende, begin zeventiende eeuw vooral actief in Vlaanderen, Brabant en Holland. Afgezien van kleine circuits in Friesland, Zwolle en Deventer spelen het Noorden en Oosten geen rol, in tegenstelling tot Zeeland dat wel over een bloeiend literair klimaat beschikte. Met dank aan Jacob Cats, Vader der Poëten en schrijver van het stichtelijke Houwelick (1625), een boek dat met 50.000 verkochte exemplaren ‘de tweede huisbijbel’ kon worden genoemd.

Ook in de zeventiende eeuw loonde het om door grote schrijvers erkend te worden. Constantijn Huygens schreef als beginner fanmail naar Cats en werd zelf ‘gebruikt’ door Fonteyne Sibylle van Grietuysen uit Groningen die een correspondentie met hem aanknoopte. Vervolgens werd deze ‘Ommelandse Muza’ weer door andere Hollandse dichters benaderd. Het was een tijd van aaien en paaien: zonder een lofdicht kwam niemand hogerop.

Hoewel poëzie en toneel de boventoon voeren, laat de beschreven periode een grote verscheidenheid aan literaire genres zien. Zo doet de (liefdes)roman zijn intrede. De eerste zijn vertalingen van The countess of Pembrokes Arcadia van Philips Sidney en L’Astrée van Honoré d’Urfé. De eerste Nederlandse roman, Batavische Arcadia – ‘een prozaverslag van een amoureus speelreysje van Den Haag naar Katwijk en terug’ – komt op naam van Johan van Heemskerck.

Porteman en Smits-Veldt staan ook stil bij de minder bekend geworden grootheden uit de Gouden eeuw. Met Anna Maria van Schurman voorop, de eerste vrouwelijke student, krijgen bijvoorbeeld ook de schrijfsters de aandacht die zij verdienen. En dan zijn er nog satirici en lolbroeken als plezierdichter Willem Godschalck van Focquenbrock en Haagse verzamelaar van moppen Aernout van Overbeke.

Minstens zo bijzonder is de ruime aandacht voor het fenomeen emblata, de veelal stichtelijke praatjes bij plaatjes, die dankzij de boekdrukkunst op grote schaal in de zeventiende eeuw zijn vervaardigd. De eerder genoemde Cats maakte het embleemboek populair, maar de grote meester was Jan Luyken, dichter, schilder, etser en maker van boeken met prachttitels als Voncken der Liefde Jesu, Spiegel van het Menselyk Bedryf en De Bijekorf des Gemoeds.

De hoeveelheid informatie in Een nieuw vaderland voor de muzen is overstelpend. In navolging van Van Oostrom en Pleij hebben de auteurs er alles aan gedaan om duidelijk te maken dat ook deze periode uit de geschiedenis van de Nederlandse literatuur als ongekend rijk en cruciaal moet worden gezien. Dat belooft wat voor de nog te verschijnen delen. Voorlopig is dit het dikste deel uit de reeks tot nu toe. Een boek als de rijstebrijberg, met toegang tot het legendarische Luilekkerland.

Boek: Een nieuw vaderland voor de muzen. Auteurs:  Karel Porteman en Mieke B. Smits-Veldt. Uitgever: Bert Bakker. Prijs: 45 euro (1054 blz.)

Deltareeks en computerlezen

Niet alle meesterwerken uit de geschiedenis van de Nederlandse literatuur zijn makkelijk verkrijgbaar. Dat geldt met name voor titels verschenen voor 1890, het begin van de moderne literatuur. Interessant in dit verband is de zogeheten Deltareeks, een serie met nieuwe edities van klassieke en oudere werken. Zie ook www.productiefonds.nl/delta/.

Voor de computerlezer heeft de Digitale Bibliotheek der Nederlandse Letteren in Leiden duizend sleutelteksten uit de Nederlandse en Vlaamse cultuurgeschiedenis geselecteerd die op termijn online raadpleegbaar zijn. 600 teksten zijn reeds online geplaatst, de rest volgt in de loop van het jaar. Zie ook www.dbnl.org/.


Inburgeringscursus voor kinderen, op rijm

JanjutteMet nog ruim een half jaar te gaan voor de Kinderboekenweek stellen steeds meer uitgevers in hun zomerbrochures boeken in het vooruitzicht waarin kinderen poëzie voorgeschoteld krijgen.

Zo heeft uitgeverij Van Goor Dichter des Vaderlands Driek van Wissen en illustrator Jan Jutte gevraagd voor een inburgeringscursus op rijm voor kinderen. Hun Wat een land! wordt aangekondigd als een ‘humorvolle en mild-kritische kijk op Nederland’. Geplande verschijningsdatum is 1 september.

De 54ste editie van de Kinderboekenweek vindt plaats van woensdag 1 tot en met zaterdag 11 oktober en staat geheel in het teken van poëzie. Hans Hagen schrijft het Kinderboekenweekgeschenk. Joke van Leeuwen is uitgenodigd de week te verrijken met een motto, een gedicht en een affiche.