De gekke molenaar zwaait met zijn bijl
Spaanse brieven van Hendrik de Vries

Met winterboeken de donkere dagen door

Winterboek_1970 Ineens waren ze er, eind jaren dertig: de Winterboeken van het damesblad Margriet. Tienduizenden kinderen kwamen er decennia achtereen de donkere dagen mee door. Talloze schrijvers en illustratoren van naam werkten er aan mee.

Vijf jaar geleden ging Anneke Gankema uit Winsum op de zolder in haar ouderlijk huis op zoek naar het mooie rode sprookjesboek uit haar jeugd. "Maar ik kon het nergens meer vinden. Wat ik wel tegenkwam, waren twee oude Winterboeken van Margriet, die had ik gekregen toen ik een jaar of tien was."

In het Drukkerijmuseum in Meppel is deze winter een tentoonstelling te zien met alle Winterboeken die tussen 1939 en 1988 onder de vlag van het damesblad Margriet zijn verschenen. Niet eerder werd in Nederland op deze schaal aandacht besteed aan een fenomeen dat halverwege de vorige eeuw uit Engeland kwam overwaaien en nog steeds, zij het in een verwaterde vorm, voortleeft.

"Mijn exemplaren dateren uit het begin van de jaren zestig", vertelt samensteller Gankema. "Mijn moeder was abonnee van Margriet en in de herfst kwam er dan bij ons een man aan de deur met de vraag of wij het nieuwe Winterboek wilden kopen. Er stonden verhalen in, puzzels, kleurplaten en zelfs strips. Ik kreeg ze met Sinterklaas cadeau en was er dan de hele winter zoet mee."

Na de herontdekking op zolder kocht Gankema via internet oude exemplaren op. Ze legde een unieke verzameling aan, verdiepte zich in de inhoud en ging op zoek naar de makers. "Bij de Margriet konden ze mij niet helpen. Ze toonden totaal geen belangstelling in hun geschiedenis, dat heeft mij echt verbaasd."

Gankema ontdekte dat het merendeel van de boeken is samengesteld door Ton Hulsebosch (1909 - 1986), de latere hoofdredacteur van de Meppeler Courant. Ook achterhaalde ze namen van schrijvers en tekenaars. "Wim Meuldijk, Thé Tjong-Khing, Annie M.G. Schmidt, Marten Toonder, Paul Biegel, Han G. Hoekstra, Rien Poortvliet. Meestal werden hun namen niet vermeld, maar er hebben veel bekende mensen aan meegewerkt."

Opvallend aan de Winterboeken zijn de omslagen. "De voor- en de achterplaten liepen vaak naadloos in elkaar over, het kleurgebruik was erg fraai. Er werden toentertijd bekende illustratoren voor gevraagd: Peter Lutz, Eppo Doeve, Piet Maree, Fiep Westendorp. De eerste twee nummers, van 1939 en 1940, zijn nog geïnspireerd op voorbeelden uit Engeland, waar de Winterboeken al veel langer bestonden. Daarna zie je de tijdgeest langzaam veranderen."

Tot halverwege de jaren zeventig waren de Winterboeken geliefd bij met name kinderen rond een jaar of tien. "In 1976 is Margriet gestopt met de boeken, waarschijnlijk omdat kinderen hun vrije tijd aan televisie, sport en tijdschriften gingen besteden. In 1988 keerde het Winterboek nog één keer terug, ter gelegenheid van het vijftigja rig bestaan van Margriet. Vergeleken met de boeken uit de jaren vijftig en zestig ziet dat allerlaatste nummer er absoluut niet uit."

Zomerse tegenhanger

Gestimuleerd door het succes van de Winterboeken lanceerde de uitgever van damesblad Margriet in de jaren vijftig een zomerse tegenhanger: Het Groot Vakantieboek. Deze reeks heeft tot en met 1962 gelopen. Nadat de grote man achter de Winterboeken, Ton Hulsebosch, hoofdredacteur werd van de Meppeler Courant gaf deze in de jaren zeventig de aanzet tot een derde reeks: Ons Jeugdboek. Deze serie liep met een korte onderbreking tot en met 1988 en werd voornamelijk geïllustreerd door de Meppeler tekenaar Arnold Berbers (1935 - 2005).

De tentoonstelling 'Het Margriet Winterboek' is nog tot en met 8/3 te zien in het Drukkerijmuseum Meppel. Open: Dinsdag tot en met zaterdag van 13.00 tot 17.00 uur. De tentoonstelling wordt vervolgd in het Scryption in Tilburg van 20/5 t/m 17/11 en in het Museum van de Twintigste Eeuw in Hoorn van 1/12 17/2/2008. Zie ook www.winterboeken.nl