'Wat is mij godverdomme overkomen?’
Assen als stad in de hel

Rijmkroniek des Vaderlands, deel twee

Rijmkroniek Het leek een driest plan, de lancering van de Rijmkroniek des Vaderlands vorig jaar door de Groninger dichters Driek van Wissen en Jean Pierre Rawie. En toen na afloop van het eerste deel nog geen tachtig jaren van onze vaderlandse geschiedenis op rijm waren gezet – van 1507 tot 1584 – wisten de sceptici genoeg: hier komen we voorlopig niet meer van af.

Dat is geen straf mogen we concluderen na lezing van het net verschenen tweede deel. Wederom slaagt het duo er op bewonderenswaardige wijze in historische feiten en ontwikkelingen te mengen met humoristische relativeringen en kwinkslagen. Vermakelijk en leerzaam ineen, zeg maar. Dat de kroniek door henzelf wordt aanbevolen als ’aanvulling op onze inburgeringcursussen’ is ook niet minder dan terecht.

De opzet is hetzelfde gebleven: Van Wissen en Rawie zetten kroonprins Willem Alexander aan het bed van prinses Amalia en laten hem vertellen, ditmaal over de Gouden Eeuw. Niet alles komt aan de orde – lees daarvoor De last van veel geluk van A. Th. van Deursen – de aandacht gaat uit naar hoogtepunten als de slag met de Spaanse Armada, de VOC-mentaliteit, het Turfschip van Breda, de moord op de gebroeders De Witt en het beleg van Groningen.

Zeer geslaagd is de hervertelling van ’de zeiltocht om de Noord’ van Barentsz en Van Heemskerck (’Daar hij een koutje had gevat/ stierf na een aantal dagen varens/ tot ieders droefheid Willem Barentsz’). Ander hoogtepunt is de uitzetting over het culturele leven, met onder meer een loftrompet voor Amalia van Solms (’En dat je oudtante Marijke/ zo oorverdovend zingen kan, is enkel de verdienste van/ Amalia van Solms die toen/ aan schone kunsten is gaan doen.’)

Van Wissen en Rawie zijn op hun best als ze prins Willem Alexander Machiavellistische praat in de mond leggen: ’Maar treed je in het openbaar naar voren/ bij iets waar iedereen je ziet/ dan moet je doen of je geniet/ van dj Tiësto, Ali B/ en Gordon – ja dan hos je mee/ Met Gerard Joling en Frans Bauer/ en heeft het volk zijn finest hour/ en eet als één Oranjeklant/ vaderlandslievend uit je hand.’

De heren dichters hebben geen hoge pet op van ons koningshuis. Deel een ging niet voor niets vergezeld van de ondertitel Opkomst van de republiek. Maar als lezer kunnen we alleen maar blij zijn met de Oranje-dynastie. Is het niet om hun daden, dan is het wel om hun inspirerende werking. Want Van Wissen mag dan omschreven worden als ’een ouwe schoolfrik met pensioen/ die toch niks beters heeft te doen’, Jean Pierre Rawie hebben ze toch maar weer mooi aan het werk gekregen.

Boek: Rijmkroniek des Vaderlands. De Gouden Eeuw. Auteurs: Jean Pierre Rawie en Driek van Wissen. Uitgeverij: Bert Bakker. Prijs: 15 euro (116 blz.).