Een praatje met de mensen van muziekvereniging Laus Deo. Denkend aan het Hello Festival

Laus Deo Derksstraat Emmen
Tijdens de avondwaggel stuitte ik in de Derksstraat te Emmen, niet ver verwijderd van galerie Ingo Leth en coffeeshop Cheers, op een groepje geüniformeerde mannen. Ik herkende ze door de dikke trom als leden van Laus Deo, de plaatselijke muziekvereniging.

Eerder op de dag had de marching showband bij het Pools monument in Noordbarge gespeeld ter herdenking van de bevrijding van Emmen op 10 april 1945 door een Poolse legereenheid.

“Zijn jullie aan het oefenen voor Koningsdag”, vroeg ik een van de mannen, in de wetenschap dat koning Willem-Alexander en zijn gevolg op 27 april vanaf het nabijgelegen Noorderplein door het centrum van Emmen worden geleid.

“Nee”, sprak de man sipjes. “We zijn niet uitgenodigd. En dat terwijl we eind vorig jaar vanwege ons 100-jarig bestaan zijn geëerd met een koninklijke erepenning.”

Welk korps begeleidt de koning dan, wilde ik weten. “Er moet toch een fanfarekorps voorop door de straten trekken.” Terwijl ik dat zei, realiseerde ik me dat niet iedereen de koning voor de voeten kan lopen.

De man van Laus Deo zweeg.

Als jullie niet oefenen, wat doen jullie hier dan, vervolgde ik. “We gaan straks een stukje spelen voor het Hello Festival, omdat ze zijn uitverkocht”, luidde het antwoord.

Van die laatste mededeling keek ik van op. Vorig week vrijdag had ik bericht ontvangen dat het festival nog vijfhonderd kaarten had liggen. Aan de andere kant: ook in Emmen gaan de culturele ontwikkelingen razendsnel.

Daarna vervolgde ik de waggel. Om eenmaal weer thuis op de website van Hello te kijken of Laus Deo was toegevoegd aan het festivalprogramma op 8 juni aan de Grote Rietplas. Ik ging line-up na:

Tony Hadley, Sananda Maitreya, Acda en de Munnik, DI-RECT, Froukje, Bankzitters, Helmut Lotti Goes Metal, Donnie, Daredevils, Extince, Mojo Fyre, Joël Borelli, Roberto Jacketti & the Scooters, Buurman en Buurman Show, Joep Verhaar, Easterfield, Nederpop Allstars met Henk Westbroek, Alides Hidding, Erik Mesie en Hans de Booij.

Ik werd er droevig van. De naam Laus Deo stond er niet tussen. En dat terwijl ze een uitstekende versie van The Final Countdown op het repertoire hebben.

Wellicht dat de mensen van het Hello Festival na zondag op andere ideeën komen. Dan geeft de vereniging bij de Schepershof aan het Waal in Emmen een voorjaarsconcert. Aanvang 14.30 uur.


In de letteren gaat de oorlog nooit voorbij. Aandacht voor Lucas Bols en Jan Naarding in De Literaire Hemel

Blui Jan NaardingEen keer per jaar wordt tijdens De Literaire Hemel in Amen extra aandacht geschonken aan de Tweede Wereldoorlog. Komende vrijdag 12 april gebeurt dat met hulp van Martin Hendriksma en Henk Nijkeuter.

Hendriksma schreef een boek dat onlangs nieuws opleverde. De schrijver was erin geslaagd klaarheid te brengen rond een verdwenen adjunct-directeur van het bekende drankconcern Bols. Daarnaast rakelde hij een pijnlijke geschiedenis op: het bedrijf had tijdens de Tweede Wereldoorlog flink verdiend door jenever te leveren aan de nazi’s.

In Het geheim van Bols vertelt Hendriksma, die eerder een roman schreef geïnspireerd op slachterij Udema in Gieten, hoe een vooraanstaand Nederlands (familie)bedrijf door de oorlog verscheurd raakt bij het bepalen van de juiste koers. Niet alleen het ontstaan van het concern is fascinerend, dat geldt zeker ook de dubieuze gebeurtenissen na 1945.

Henk Nijkeuter maakte in 1987 mee dat de oorlog nooit voorbij gaat. Hij was destijds betrokken bij het opzetten van een centrum dat de naam ‘Naardinginstituut’ zou krijgen. Er ontstond opschudding: naamgever Jan Naarding (1903 – 1963) zou fout zijn geweest. In het nog te schijnen boek De blui van ’t leeven is maor zo kört van tied komt dit oorlogsverleden opnieuw aan de orde.

Het grootste deel van Nijkeuters boek gaat erover hoe de schrijver, dichter en taalonderzoeker Naarding een status kon opbouwen die in een instituut moest uitmonden. Wat is zijn belang geweest voor de Nedersaksische letteren en de daarmee samenhangende Drentse cultuur? Andere vraag: wie zetten zich anno 2024 op een vergelijkbare manier in voor die letteren en cultuur?

Derde gast in café De Amer is Daan Heerma van Voss, schrijver van Geen vaarwel vandaag, een roman met op de cover een gouden bijl waarin wordt verteld over een gezin waar belangrijke beslissingen te lang vooruitgeschoven zijn. Het boek van Heerma van Voss is bekroond met de BNG Bank Literatuurprijs voor Nederlandstalige schrijvers jonger dan veertig jaar.

De Literaire Hemel met Martin Hendriksma, Henk Nijkeuter en Daan Heerma van Voss wordt mede mogelijk gemaakt door Dagblad van het Noorden. De bijeenkomst van 12 april begint om 20.00 uur. Toegang: 18,50 euro, inclusief twee consumpties. Kaartverkoop via www.literairehemel.nl


Over het Emmen van Levi van Veluw, Bas Louissen, Eric van Oosterhout en Willem-Alexander

Levi van Veluw Family
Op 4 april verscheen de zeer makkelijk pratende kunstenaar Levi van Veluw in de talkshow Sophie & Jeroen. Aanleiding was een gewonnen prijs en een expositie in museum Singer in Laren. Van Veluw bleek in Emmen opgegroeid waar volgens hem ‘geen cultuur was, helemaal niks’.

Eerder die dag was de Kroon op Emmen online gegaan, een podcastserie waarin een andere oud-Emmenaar, Bas Louissen, een voorschot neemt op de viering van Koningsdag op 27 april in Emmen. Centrale thema in uitzending 1 is het imago van Emmen als een van de minst aantrekkelijke plaatsen in Nederland om te wonen.

Dat imago is grotendeels te danken aan het jaarlijkse onderzoek door Atlas voor Gemeenten waarin Emmen steevast onderaan de lijst met vijftig vergeleken gemeenten bungelt. Burgemeester Eric van Oosterhout vertelt in Kroon op Emmen dat ‘die lijstjes’ aanleiding zijn geweest Emmen naar voren te schuiven als decor voor Koningsdag. Hij hoopt op 27 april goede sier te maken.

De lijst van Atlas voor Gemeenten wordt samengesteld op basis van vijftig criteria. Die zijn niet ieder jaar hetzelfde, maar bevatten wel een aantal terugkerende punten. Eén daarvan is betalingsbereidheid van mensen om ergens te willen wonen. Hoe duurder de huizen, des te aantrekkelijker wordt een plaats (blijkbaar) gevonden om te wonen. Daalt die prijs, dan neemt de aantrekkelijkheid af.

Ander vast meetpunt is werkgelegenheid, waarbij het aantal banen een rol speelt dat binnen een acceptabele reistijd beschikbaar is. In Emmen is dat aantal lager dan in Rotterdam, waar zich op een luttel aantal kilometers verschillende plaatsen vol banen bevinden, goed bereikbaar met openbaar vervoer. Die plaatsen heten geen Borger maar Den Haag, geen Sleen maar Dordrecht, geen Zwartemeer maar Delft.

EMMEN_PODCAST_OMSLAG

Louissen gaat in zijn podcast op bezoek bij een samensteller van de lijst. Hij vraagt Marten Middeldorp van het onderzoeksbureau wat Emmen kan doen om op te klimmen en, bijvoorbeeld, de iets hoger gewaardeerde gemeente Sittard-Geleen te passeren. Dat is mogelijk, maar dat lukt niet in een jaar, zegt Middeldorp.

De onderzoeker vertelt dat Sittard-Geleen weliswaar als onveiliger wordt ervaren dan Emmen, maar Emmen achterblijft op voorzieningenniveau, zoals horeca en cultuur. Emmenaren zullen dat laatste niet als een gemis ervaren, maar voor Sittarders en Geleners die zich wellicht in Emmen willen vestigen en daartoe verleid moeten worden, voelt het als een gebrek.

“Je kunt vanuit Emmen weinig banen bereiken, dat zijn indicatoren die heel zwaar wegen”, zegt Middeldorp in de podcast. “Er zijn weinig restaurants in Emmen te vinden. Voor mensen die in Emmen wonen kan de afweging anders zijn, maar voor de meeste mensen is Sittard-Geleen daarmee een aantrekkelijker plek dan Emmen, ondanks Sittard-Geleen minder veilig is.

Louissen: “Stel dat er drie restaurants openen en er komt een poppodium bij, dan kan Emmen stijgen in de lijst.”

Middeldorp: “Als daar werkelijk voorstellingen worden georganiseerd, want dat is wat wij meten, dan kan dat.”

Afgelopen zaterdag publiceerde Dagblad van het Noorden een pagina met het programma voor Koningsdag. Wat opvalt is dat de koninklijke familie, die overal woont, maar nog niet in Emmen, op 27 april een enorme hoeveelheid Emmense kunst en cultuur krijgt voorgeschoteld. Het begint op het Noorderplein met Bouke Scholten die iets van zijn Elvis-repertoire laat horen en het eindigt op het Raadshuisplein waar Rosa da Silva het Wilhelmus inzet.

Halverwege de route, bij de ingang van het Rensenpark, dat al tien jaar niet van de grond komt als beloofde plek voor innovatie, cultuur en kunst en waar de opening van het nieuwe Centrum Beeldende Kunst door tegenvallers helaas is uitgesteld, is een cultuurplein bedacht. Het plein biedt op Koningsdag ‘een samensmelting van disciplines’ die volgens de organisatie ‘de hands-on mentaliteit van Emmen weerspiegelt’.

Met een hands-on mentaliteit wordt een instelling bedoeld om initiatief te tonen en handen uit de mouwen te steken.

Jan Van Peer Koningsdag

27 april heeft op papier alles in zich een mooie dag te worden, overal ter wereld. Het succes in Emmen zal echter worden afgemeten, vrees ik, aan de mate waarin het imago van een onaantrekkelijke plaats kan worden afgeschud. Wat in een dag onmogelijk is. Daarvoor is het te hardnekkig.

Dat heeft Emmen deels aan zichzelf te wijten. Steeds als de Atlas voor Gemeenten wordt gepubliceerd schieten inwoners van Emmen, bestuurders voorop, daartoe aangemoedigd door de media, in dezelfde reflex. Dagblad van het Noorden, mijn krant, doet eraan mee en publiceerde bij de lancering van Kroon op Emmen de volgende Stelling van de Dag: ‘Emmen wordt onterecht aangemerkt als minst aantrekkelijke stad van Nederland’. Voor de uitslag klik hier.

Steeds weer wordt geprobeerd de uitkomst te ontkrachten, vooral met woorden, zonder een eigen vergelijkend warenonderzoek te overleggen. Waardoor de stelling juist wordt bevestigd en geen daden volgen. Tot zover de hands-on-mentaliteit.

2,3 miljoen euro kost de organisatie van Koningsdag in Emmen. Als dit bedrag structureel extra in culturele voorzieningen van Emmen wordt gestoken, zou dat het imago van Emmen kunnen veranderen. Niet van de ene op de andere dag, wel op termijn.

Terug naar Levi van Veluw. In de talkshow vertelde hij over zijn werk Family, een bewegend groepsportret geïnspireerd op opgroeien in een gebroken gezin. Voor het portret vroeg Van Veluw familieleden bij elkaar te komen en zich in pakken vol gefragmenteerde blokjes te hullen – hij had daarvoor ook acteurs kunnen vragen.

En toen zei hij dit:

“Dit is mijn echte familie. Dat is belangrijk om te vertellen, omdat kunst niet gaat over het beeld alleen, over een mooi plaatje. Het gaat ook over het verhaal erachter. Een mooi plaatje is maar een mooi plaatje. Het is heel belangrijk dat die familieleden ook echt in de pakken hebben gezeten om het hele verhaal te kunnen vertellen. Een beeld is niet zoveel. Je moet gevoel overbrengen. Dat moet het verhaal erachter zijn.”

Wat Nederland op 27 april van Emmen te zien krijgt is een mooi plaatje, nog niet het verhaal erachter.


R. Keuter, R. Prins en D. Hendriks zetten de toon voor 12e finale Drèents Liedtiesfestival

De mensen van Stichting Reur hebben de deelnemers aan de twaalfde editie het Drèents Liedtiesfestival bekendgemaakt. En wat valt op? Dat vooral Roy Keuter, Rowdy Prins en Dennis Hendriks achter de schermen aan de knoppen draaien.

Dit zijn de liedjes, de uitvoerende artiesten, componisten en tekstschrijvers:

Deelnemers Dreents Liedties Festival 2024

Uit het persbericht:

‘Het Drèents Liedtiesfestival heeft als doel een breder aanbod te stimuleren van nieuwe Drentstalige kwaliteits-muziek. Het festival vindt 9 mei plaats in het ATLAS Theater in Emmen en wordt live uitgezonden op RTV Drenthe. Lisa Harms -winnaar van DLF23- komt haar winnende lied Tot de zun uut giet nog een keer zingen en zal de prijs doorgeven aan de winnaar van DLF24.

De winnaar van de finale wint een geldbedrag van € 2000,- om te besteden aan het opnemen en uitbrengen van zijn of haar winnende lied en zal het Nedersaksisch vertegenwoordigen op het Europees Songfestival voor Minderheidstalen tijdens het Suns Europe festival in Udine en zal de provincie Drenthe vertegenwoordigen op het Regio Songfestival later dit jaar.’


Valentijn de Heer vertelt bij Van der Velde in Assen over ‘Beste mevrouw Eva’

Valentijn de Heer Foto Merlijn Doomernik‘We woonden vlakbij de sociale werkplaats. Iedere ochtend om acht uur trok de stoet werknemers op hun fietsen door onze straat. Mongolen werden ze toen nog genoemd. Ze hadden brede gezichten en de meesten waren te dik. Ik zat in de erker en keek met een bak cornflakes op schoot toe hoe ze onder luid kabaal de grauwe huizenblokken aan het zicht onttrokken.’

Aldus begint Beste mevrouw Eva, de debuutroman van Valentijn de Heer uit Leiderdorp, zorgmedewerker en tevens auteur van korte verhalen voor De optimist en opiniestukken voor Het Parool. De Heer is dinsdag 9 april te gast bij boekhandel Van der Velde in Assen. Aanvang 20.00 uur. Zie ook hier.

Citaat van de flaptekst:

‘Elias woont met zijn ouders in een welgestelde wijk. Als hij een verstandelijk beperkt broertje krijgt, veranderen de toch al moeizame verhoudingen binnen het gezin. Zijn vader wordt steeds gewelddadiger en zijn moeder is niet bij machte om hem en zijn broertje te beschermen. Elias kruipt meer en meer in de ouderrol. Buitenshuis houdt hij de schijn van een gelukkig gezin op. Hij vindt zijn toevlucht een paar straten verderop, in het houten huis van een ouder echtpaar. Er ontstaat een band tussen hem en de oudere vrouw, Eva. Haar huis wordt zijn droomland, dé plek waar hij hoopt voor altijd te blijven. Als op een dag de kinderbescherming bij het gezin op de stoep staat, blijkt alles waar Elias zijn hoop op had gevestigd een illusie.’


Librisprijs Shortlistpodcast nummer 1: ‘Gebied 19’ van Esther Gerritsen, met Esther Gerritsen

Libris Podcast
In aanloop naar de bekendmaking van de winnaar van de Libris Literatuurprijs 2024 worden zes podcasts gepubliceerd over de genomineerde titels. De eerste aflevering staat inmiddels online: Karina (rechts) en Ricco (links), werkzaam bij Boekhandel Broekhuis in Oldenzaal, praten over Gebied 19 van Esther Gerritsen (midden).

Begeleidende mededeling van de Libris-organisatie:

‘Ze bespreken of ze het boek nu wel of geen science-fiction vinden, filosoferen over het gedachte-experiment dat in het boek wordt uitgewerkt en benadrukken de humor die in het boek zit. Daarna schuift Esther Gerritsen aan. Zij vertelt hoe ze op het idee voor Gebied 19 is gekomen, waarom ze niet alles in het boek helemaal uitlegt, en hoe Gebied 19 in feite een spiegel is van onze polariserende samenleving.’

Maandag 13 mei 2024 maakt juryvoorzitter Kim Putters te Amsterdam de winnaar bekend. Zie daarvoor actualiteitenprogramma Nieuwsuur op NPO2. De winnaar is een dag later om middernacht te gast bij in het VPRO-radioprogramma Nooit Meer Slapen.


Nalatenschap Adri de Fluiter (1940 – 2024) te zien bij MicksArt Gallery in Emmen

     Adri de FluiterBij MicksArt Gallery in Emmen opent zondag een (verkoop)tentoonstelling met werk uit de nalatenschap van beeldend kunstenaar Adri de Fluiter (1940 – 2024). Te zien is een keuze uit zijn beelden, schilderijen, sculpturen en tekeningen.

De eerder dit jaar op 83-jarige leeftijd overleden De Fluiter geldt met name in Drenthe als een beeldbepalend kunstenaar en organisator van kunst-evenementen. Hij was onder meer betrokken bij NatuurKunst Drenthe, Peatpolis en Stadsbeelden Emmen en gaf mede de aanzet tot Drenthe als provincie waar beeldende kunst en natuur samengaan.

Twee citaten uit een persbericht:

“Zijn internationale impact op de kunstwereld en de samenleving is onmiskenbaar. Zijn nalatenschap zal voortleven in de prachtige kunstwerken die hij heeft geschapen en die vele harten hebben geraakt.”

En ook:

“De Fluiter was niet alleen een begaafd kunstenaar, maar ook een draaischijf voor hoogwaardigheidsbekleders. Zo heeft Adri de Fluiter tot vier keer toe koningin Beatrix mogen verwelkomen in Drenthe vanwege zijn kunstwerken, projecten en exposities. Zijn impact reikte verder dan de kunstwereld; hij bracht de koninklijke aanwezigheid naar de provincie en verrijkte de culturele ervaring voor velen.”

De tentoonstelling op zondag 7 april om 15.00 uur aan bij Micksart Collectief aan de Kapitein Grantstraat 24 in Emmen, naast kringloopwarenhuis Het Goed, en is te zien tot en met 22 juni.


Leest ‘Elke provincie een eigen Gouden Eeuw’ van Louis Sicking

Elke provincie een eigen Gouden Eeuw Louis Sicking
Ter voorbereiding op een stuk voor Dagblad van het Noorden en Leeuwarder Courant lees ik het boek Elke provincie een eigen Gouden Eeuw van Louis Sicking. Ik ben er vroeg bij, het boek verscheen vorige week donderdag.

Gouden eeuw? Ik meen mij te herinneren dat het begrip al lang een breed is afgeschaft. Mij staat bij dat de kat in 2019 de bel werd aangebonden door de mensen van het Amsterdam Museum omdat die zogenaamde Gouden Eeuw maar voor slechts een deel van de bevolking goed heeft uitgepakt, ook in Holland.

Dat wordt deels bevestigd in een begeleidend persbericht:

‘De Gouden Eeuw, volgens velen de roemrijkste periode in de Nederlandse geschiedenis, roept vandaag de dag ook weerstand op. Sommigen pleiten er daarom voor het begrip af te schaffen. Dit boek beoogt het op het gewest Holland toegespitste debat open te breken door het predicaat ‘Gouden Eeuw’, mét zijn keerzijden, juist aan alle provincies van Nederland toe te kennen.’

Leuk is dat, de rest van Nederland krijgt een dubieus predicaat mét keerzijden. 

In het boek onder redactie van Sicking komen twaalf auteurs aan het woord. Elk neemt een provincie voor zijn of haar rekening en stelt een aspect van haar geschiedenis centraal waarvan het belang de eigen regio overstijgt. Dat maakt nieuwsgierig naar, bijvoorbeeld, de 'Drentse Gouden Eeuw'. Snel naar pagina 209.

Volgens Cornelis Hendrik van Rhee, hoogleraar Europese rechtsgeschiedenis aan de universiteit van Maastricht, viel deze samen met de periode waarin Johannes van den Bosch, een Hollander, op het idee kwam om in Frederiksoord en omgeving koloniën van weldadigheid te beginnen. In de Drenthe wordt dat tegenwoordig graag gezien als het begin van ‘onze’ verzorgingsstaat. In werkelijkheid mislukte het goedbedoelde experiment en danken ‘we’ er het Pauperparadijs Veenhuizen aan en de status van UNESCO Werelderfgoed aan.

Dan de provincie Groningen. Timon de Groot, als historicus verbonden aan het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis in Amsterdam en als onderzoeker betrokken bij de parlementaire enquête naar de gevolgen van de aardgaswinning in Groningen, vertelt over de zegeningen die Groningen ten deel zijn gevallen na de ontdekking van de reusachtige gasvoorraad in de bodem van Noordoost-Groningen. Ook hier een citaat:

‘Dat het aardgas veel geld op zou leveren was al bij de start van de winning bekend. Maar er waren ook vragen met minder vanzelfsprekende antwoorden: hoe kan er het beste aan verdiend worden? En waar worden de opbrengsten aan uitgegeven? In beide gevallen lag er voor de provincie Groningen en andere noordelijke provincies een kans om extra te profiteren van het aardgas. Maar de Groningse bestuurders hadden de strijd om de voordelen van het aardgas eigenlijk al bij voorbaat verloren. Dit had te maken met het beleid dat de nationale overheid al voor de vondst van het Groningse gasveld had bepaald.’

Het boek opent met, jawel, een hoofdstuk waarin wordt verteld over koning Redbad en diens Friese koninkrijk in 7de en 8ste eeuw. Auteur is Han Nijdam, onderzoeker van het Oudfries en het Oud-friese recht aan de Fryske Akademy in Leeuwarden

‘De casus van koning Redbad is exemplarisch voor het Friese en het nationale bewustzijn van de Gouden Eeuw van het Friese koninkrijk’, schrijft hij. ‘Dit besef was in de loop van de twintigste eeuw weer verdwenen uit het Friese collectieve bewustzijn, terwijl dat tot in de negentiende eeuw aanwezig was geweest.’

En wat gebeurde er in de negentiende eeuw, oplettende lezertjes, los van dat voornoemde Johannes van den Bosch delen van Drenthe koloniseerde? Jawel, toen werd door politici en historici in Holland een nationaal bewustzijn in het leven geroepen, met Rembrandt en Vondel en ons huidige koningshuis als voornaamste symbolen. De rest werd, bij afwezigheid van een Boer Burger Beweging, ondergeschikt gemaakt.

Maar tijden veranderen: sinds enige tijd staat koning Redbad weer in de belangstelling, vooral in Friesland waar in 2026 een tentoonstelling in het Fries Museum over deze figuur te zien zal zijn. 

Ondertussen wordt er flink gerelativeerd en bekritiseerd in Elke provincie een eigen Gouden Eeuw. Sicking hoopt op ‘verdere discussie over de vanzelfsprekendheid van de Hollandse Gouden Eeuw en dat de inwoners van Nederland zich na het lezen realiseren dat elke provincie met een eigen Gouden Eeuw heeft bijgedragen aan de Nederlandse geschiedenis.’

Maar nu eerst verder lezen.


RTW Drenthe vanaf maandag wekelijks een dag op zwart

Logo RTW Drenthe
Radio, Televisie & Website Drenthe gaat met ingang van komende maandag een dag per week op zwart. De regionale omroep wil daarmee naar eigen zeggen tegemoetkomen aan een behoefte van de doelgroep.

Het besluit tot een omroeploze dag is genomen na een uitvoerige analyse van luister-, kijk- en leescijfers. Daaruit zou blijken dat het publiek in Drenthe het beu is iedere dag opgejaagd te worden door nieuws en achtergronden bij datzelfde nieuws. “Mensen worden er zenuwachtig van dat we altijd maar bij hen in de buurt proberen te zijn. Er is een groeiende behoefte aan rust en afstand, zelfs in deze provincie”, aldus de leiding van de omroep in een persbericht.

Het idee voor een dagje minder gesubsidieerde regionale media is afkomstig van programmamaker Goliath van der Sloep, uitgesproken liefhebber van trage televisie en samen met Slobbert Oosting initiatiefnemer van het onlangs aangekondigde televisiekanaal Taaie Kost. Dat kanaal is gespecialiseerd in stilstaande beelden van hangende darmen met fijngemalen varkens die in kelders van het omroepgebouw aan de Beilerstraat in Assen met vuistslagen zijn omgebracht.

“We zaten hier op kantoor na afloop onze tanden te flossen en ik had het over mijn favoriete bezigheid, niksen, toen Goliath voorstelde daar iets mee te doen”, aldus Oosting die zich het liefst met bluesbands in oefenruimtes ophoudt. Bij de omroep maakte hij naam door voor de camera naar  grijze luchten te kijken en daarna met wapperende manen en net iets te grote passen uit beeld te kuieren. “Ik stopte meteen met duimendraaien en riep 'tot andermaol'.”

Programmamaker Van der Sloep deed daarop een serieuze poging het ingewikkelde deel van zijn werk, radiopresentatie zonder plopkap, neer te leggen. Hij zag daar vanaf toen hij zich realiseerde dat de omroep alleen op maandagen op zwart gaat, zijn enige werkdag. “Om mij voor te bereiden, leek het mij verstandig om rustig af te bouwen. Sindsdien ben ik druk met zwijgen. Dat is nog best vermoeiend.”

Ook de als weinig opvliegend bekendstaande eindredacteur Mattie van de Feen is achter de schermen groot voorstander van het besluit. “De publieke omroep moet op de schop, dat weet iedereen. De laatste tijd lees je steeds vaker verontrustende berichten over omroepmedewerkers elders in het land die elkaar schreeuwend naar de keel vliegen en bepotelen. Zover moeten we het hier niet laten komen. Een dag rust in de week zal iedereen goed doen.” 

Volgens Van de Feen sluit de maatregel aan op het beleidsplan voor 2023 waar hij sinds 2015 aan schrijft en dat hij in 2025 hoopt te kunnen afronden. “Daarin zal onder meer staan dat RTW Drenthe het publiek ondanks de mediawet zo nu en dan moet geven wat het echt wil”, belooft hij. “Bedoeling is dat we in 2026 een werkgroep vormen met mensen die nadenken over een onafhankelijke commissie met als opdracht een extern bureau in te huren voor onderzoek hoe daar na 2027 door freelancers invulling aan kan worden gegeven.”

Gevraagd naar hoe de regionale omroep denkt op de stille dagen de wettelijke taak te vervullen als officiële rampenzender, wijst Van de Feen op het bestaan van andere media. “We laten het om te beginnen op maandagen aan de commerciëlen over. De markt regelt het wel. Als zich werkelijk in Drenthe een catastrofe voordoet, zoals een werkbezoek door het Commissariaat voor de Media, dan lezen mensen dat het liefst de volgende dag op pagina 26 van Dagblad van het Noorden, als tweekolommer net onder de rubriek Miniman.”


Een film maken, zoals 'Fluisteraars' van Saskia Jeulink, of toch maar het leger in

Filmopname Helden in de stad Romy
Terwijl ik mij aan het toetsenbord klaarzette om iets te schrijven over een film waarin drie kunstenaars zich afvragen wat te doen met hun nalatenschap, zie voor het resultaat Dagblad van het Noorden, gingen de gedachten terug naar het Internationaal Filmfestival Assen, waar ik deze film, Fluisteraars van Saskia Jeulink, voor het eerst zag – ja, dit is een te lange zin geworden.

Het was 10 maart en ik zou eerst een andere film bekijken, Helden in de stad: Romy, onder leiding van Reinout Hellenthal gemaakt door en met Assense jongeren. Alleen al dat gegeven had tot een volle zaal in de bioscoop van DNK geleid, met veelal scholieren die waren afgekomen op een verhaal over een meisje dat zich verveelt en op straat een mobiele telefoon vindt.

Het thema van verveling en de notie dat in Assen voor jongeren niet veel te doen is, werd vooraf door drie promo’s in een scherp licht gezet.

Een van de promo’s riep het bioscoopvolkje op zich aan te sluiten bij Kunstbende. De tweede riep hen op niet te gaan roken, omdat zoiets slecht is voor de gezondheid – actrice Olivia Lonsdale figureert erin, zij is bekend van de subversieve hit Drank & drugs. In het derfde filmpje werden de Assense jongeren aangesproken als Generatie D, waarna een flitsende verleidingspoging op gang kwam met als uiteindelijk doel aanmelding bij defensie.

Kort daarna schoof ik in een ander zaaltje aan voor Fluisteraars. Ook hier was veel volk op afgekomen. De gemiddelde leeftijd lag nu ver boven de vijftig. Alvorens de hoofdfilm startte, werd ook nu een promo vertoond: een flitsend gemonteerde uitnodiging om het Internationaal Filmfestival Assen te bezoeken. Bij die ene promo bleef het, het kwam mij oneerlijk voor.

Aansluitend werd in het ontroerende Fluisteraars verteld hoe Loes Heebink (1955), Henk Kraayenzank (1947) en Gjalt Blaauw (1945) zich na een lang leven als kunstenaar met een eigen atelier voorbereiden op de dood en onder meer nadenken over wat er dan, na het overlijden, met hun werk moet gebeuren. Gaat dat vooral zien. Zondag 31 maart bij RTV Noord, 11 april bij RTV Drenthe.

De uitdaging is niet te denken aan jongeren die in deze tijden van oorlog de uitnodiging van Kunstbende aan zich voorbij hebben laten gaan, maar zich in plaats daarvan hebben gemeld bij het leger. Toen ik jong was, vroeger, kon je daar heel goedkoop sigaretten krijgen.