350.000 bezoekers kreeg het Drents Museum tijdens de manifestatie 'Go China' in 2008 over de vloer. Met de spraakmakende expositie rond het Terracotta-leger uit het graf van de eerste keizer van China bewees het museum op nationaal niveau mee te kunnen. Na een ingrijpende verbouwing heropent het museum in Assen woensdag met De gouden eeuw van China, een tentoonstelling met de cultuurschatten uit de Tang-dynastie.
De expositie markeert een nieuwe fase voor een provinciaal museum dat in 1885 ooit begon met één uitstalkast. De herinrichting van de collectie, de geplande opening van een ‘kindermuseum' en de uitbreiding onder architectuur van Erick van Egeraat hebben tot een missie en visie geleid waarbij tot ver over de landsgrenzen wordt gekeken.
Of zoals officieel heet: "Het Drents Museum toont een blik op de wereld en biedt de wereld een blik op Drenthe; met verhalen over archeologie, kunst en geschiedenis inspireren we jong en oud." En: "Het Drents Museum wil een succesvol museum van internationale allure zijn en een verrijkende ervaring bieden aan zoveel mogelijk mensen."
In dat licht is een terugkeer naar het oude China logisch, ook vanwege de eerder behaalde successen. In de woorden van conservator Benoît Mater: "In China worden zaken gedaan op basis van vriendschappelijke contacten. Tijdens de onderhandelingen over het Terracotta-leger ontdekten we dat de Tang-dynastie ook een grote tentoonstelling verdiende. De contacten waren gelegd, het was dé kans om nog één keer met China uit te pakken."
En dan is er nog de parallel tussen Assen en Xi'an, de stad waar veel schatten in de expositie vandaan komen. De schaal is scheef, maar beide steden maken een sterke ontwikkeling door. Assen (65.000 inwoners) door te investeren in een theater, het museum, het archief en infrastructuur, Xi'an (6 miljoen inwoners) door zich in razend tempo te veranderen in een metropool vol wolkenkrabbers.
De tentoonstelling in Assen neemt de bezoeker mee naar een periode tussen pakweg 600 en 900 na Christus waarin het gebied rond Xi'an – ‘Rijk van het Midden' – een opvallende openheid kende en een sprong voorwaarts maakte. Noem het de vorige Gouden Eeuw van China: import en export namen toe, nieuwe ideeën en opvattingen deden hun intrede, machthebbers werden machtiger en rijker, de bevolking groeide en zwierf uit.
Cruciale rol was daarbij weggelegd voor de Zijde-route, het netwerk van handelswegen door Centraal-Azië dat al voor het begin van onze jaartelling werd gebruikt. Ten tijde van de Tang-dynastie kwam de route tot nieuwe ontwikkeling en groeide Xi'an uit tot de eerste miljoenenstad van Azië. Ter vergelijking: van Assen en Groningen weten we niet of beide steden toentertijd al bestonden.
Het Drents Museum schetst de geschiedenis van de Tang-dynastieën aan de hand van vijf thema's. Religieuze veranderingen en de Zijde-route zijn er daar twee van. De anderen vertellen over de stad van de keizers, over de inwoners van de stad en over de Chinese kunst en cultuur van die tijd. Veel aandacht voor kunstnijverheid derhalve, en vanwege de rol die poëzie aan hof speelde ook aandacht voor literatuur.
De hoofdmoot van De gouden eeuw van China is afkomstig uit de collecties van het Beilin Museum, het Xi'an Museum en het Shaanxi Museum. Zo'n honderdvijftig voorwerpen telt de tentoonstelling: beelden, zilverwerk, maar ook luxe gebruiksvoorwerpen en muurschilderingen. Stuk voor stuk archeologische vondsten uit graven en heiligdommen die iets vertellen over de rijkdom en opvattingen van weleer.
Het erfgoed uit de Chinese bodem is allerminst een fremdkörper in Assen. Het Drents Museum heeft zich de laatste jaren nationaal ontwikkeld als een plek waar archeologie en vroege geschiedenis aan een breed publiek worden getoond. Denk aan 100.000 jaar sex, aan de veenlijken en het Meisje van Yde, aan Goud uit Georgië en het Terracotta-leger.
Stond in die tentoonstelling keizer Qin Shi Huangdi (259– 210 voor Christus) centraal, dit keer heet de blikvanger Wu Zetian (624 – 705), een vrouw die door het glazen plafond brak en het van concubine tot keizer wist te schoppen. Het tumultueuze leven van de ‘verheven heerseres' spreekt al vele eeuwen tot de verbeelding. Onder haar gezag werd de kwaliteit van het bestuur verbeterd en veranderde in China het traditionele beeld van de vrouw.
Ten tijde van Wu Zetian werd het Boeddhisme de tweede staatsgodsdienst, naast het Taoïsme. Hoewel het na haar overlijden weer in ongenade raakte, is het nog steeds prominent aanwezig. Zo is de Grote Wilde Ganzen Pagode in Xi'an tegenwoordig zowel een toeristische als religieuze trekpleister. Er worden geschriften bewaard die door de Chinese monnik Xuanzang in de zesde eeuw uit India, via de Zijde-route, naar China zijn gebracht.
Dat het Boeddhistisch erfgoed in China bewaard is gebleven, mag een klein wonder heten. Vorige eeuw nog probeerden communistische studenten tijdens de Culturele Revolutie het geloof met wortel en tak uit te roeien. Alleen afgelegen plaatsen van religieus belang, zoals de reusachtige, ingebouwde beelden van Dafosi bij de stad Xianjang, werden 'vergeten'.
Veelzeggend: de omgeving van de Famen-tempel op twee uur reizen van Xi'an is drie jaar geleden met geld uit Taiwan ‘opgewaardeerd' tot megalomane proporties. In de tempel wordt, als relikwie, een vingerkootje van Boeddha aanbeden. Het Drent museum toont een keuze uit offers die door keizerin Wu Zetian ter ere van Boeddha zijn gebracht: zijde, glaswerk met Arabische motieven, maar ook zilveren voorwerpen en Celadon-keramiek met groen glazuur.
De belangstelling van Chinezen voor de eigen geschiedenis groeit; vorig jaar kwam een miljoen bezoekers op de Famen-tempel af. Waar tien jaar geleden Westerlingen bij bezienswaardigheden voorop liepen, wordt nu de toon gezet door de eigen bevolking. Het Drents Museum ondervond dat op een andere manier. Vergeleken met de tentoonstelling over het Terracotta-leger bleek het, ondanks de contacten, niet eenvoudig om bijzondere voorwerpen naar Nederland te halen. Chinezen zijn zuiniger geworden op hun erfgoed, de binnenlandse ruil van objecten begint voorrang te krijgen.
Ondertussen wil Xi'an zich wereldwijd manifesteren als een historische metropool die de vergelijking aankan met Rome, Athene en Caïro. Vandaar ook de uitbreiding van het lokale vliegveld met terminals voor buitenlandse vluchten. Gelet op aanwezigheid van de vele keizerlijke graven in de omgeving valt daar wel wat voor te zeggen. De vindplaats van het Terracotta-leger is een topattractie, maar dat geldt ook voor het Qiaunling Mausoleum waar zich de graftombe van keizer Gao Zong en keizerin Wu Zetian bevindt.
Wat uitstraling betreft, heeft de oude hoofdstad en zijn omgeving nog wel een wereld te winnen. Hoewel niets opgewassen lijkt tegen de hedendaagse bouwwoede is het lokale bestuur begonnen met het stimuleren van Tang-architectuur in het straatbeeld en is in het centrum het zogeheten Tang Paradise Park geopend, een 165 hectare omvattende themapark dat de pracht en praal van de jaren tussen 600 en 900 wil weerspiegelen. Op z'n Chinees, met overtreffende trap, zonder veel maat te houden.
Dat doen ze in Assen dan toch net even beter.
Tentoonstelling
'De gouden eeuw van China' is vanaf 17/11 tot en met 15 april te zien in het Drents Museum, Brink 1 in Assen. De tentoonstelling gaat gepaard met een gelijknamig boek van uitgeverij W Books en een reeks nevenactiviteiten in en rond Assen. Zie ook www.drentsmuseum.nl