Ramsey Nasr kreeg de afgelopen vier jaar als Dichter des Vaderlands veel kritische reacties te verwerken. Hij liet een slectie als collage afdrukken in Mi have een droom, zijn donderdag te verschijnen afscheidsbundel met gedichten, teksten en dagboekfragmenten. Een paar zinnetjes, om een idee te geven, geuit na de publicatie van het gedicht Broeders van liefde waarin Nasr op het seksueel misbuik in de internaten van de kerk reageerde:
"Wat een onbenul, dit gedicht waar hij zijn eigen fantasieën in lijkt te verwoorden. Aanbidt hij zelf ook geen pedofile profeet?" En: "Broeders van liefde zal niet zonder gevolgen blijven. Een gedicht waarmee je dankzij de VARA een Hollandse kristalnacht mocht inleiden." En: "Wij gelovigen, Ramsey Nasr, zullen nog ademen als jij en je hysterische hordes allang vergeten zijn."
Zo gaat het nog even door.
Broeders van liefde is geen toonbeeld van subtiliteit. Het verwoordt op cynische wijze een grof schandaal: 'pak nu het hoofdje. leid het zacht omlaag/ tot aan de uitgang onzer naastenliefde/ schuif het, prop het erdoor desnoods, niet bang zijn./ vandaag mag het, er zijn geen ouders bij.' (…) 'ze zeggen: god werkt slechts met onze handen./ wel god, dit kun je dan: een kind van acht/ mishandelen en jaar na jaar verkrachten.'
Nasr schreef zijn gedichten als Dichter des Vaderlands vanuit de emotie van de actualiteit. Maar, zo blijkt uit de dagboekaantekeningen, er ligt ook een grote persoonlijke verontwaardiging aan ten grondslag, soms mede bepaald door gepassioneerde moraliteit en zijn Palestijnse afkomst.
Het sterkst kwam zijn woede naar voren in het gedicht Mijn nieuwe vaderland, geschreven bij de installatie van het kabinet Rutte I, mede mogelijk gemaakt door VVD, CDA en PVV. Hij begint met de regels van Tollens 'Wie Neerlands bloed in d'aders vloeit/ van vreemde smetten vrij.'
Nasr vervolgt: 'Ik eer mijn leiders hemelhoog/ en 't hoogst zit een fascist/ die u en mij zolang gedoogt –/ zolang als hij beslist.// Beschermt gij leiders, onze grond/ waar vreemde adem gaat/ gij die zo rein zijt, kerngezond/ en zuiver op de graat./ Wij smeken om een harde hand/ in aangewreven haat/ Behoud voor 't lieve vaderland/ de blanke natiestaat.// Braak uit, gij vrienden, vrij van zin/ uw krop, uw kreet, uw gal./ Niets is taboe en niets te min/ uw bagger minst van al./ Verneder dus wat u niet zint/ sla stuk wat niet bevalt/ laat zien hoe u dit land bemint/ omhels het op zijn smalst.'
Ook niet mis te verstaan is Uit nutteloze noodzaak, voorgedragen bij de opening van festival Oerol, op het moment dat het nieuws over bezuinigingen als een fragmentatiebom was gedropt. Het gedicht staat bol van adrenaline, opgewekt door de miskenning van wat kunst vermag: 'en als ik verstijf op mijn savanne/ van bedreigend vrije tijd/ als ik mijzelf vervloek/ om dit uitzicht zonder eind/ dan huil ik niet, dan schreeuw ik niet/ ik hang mij zelf niet op/ maar pak een pen/ en schrijf u dit gedicht.'
Zowel Broeder van liefde als Mijn nieuwe vaderland en Uit nutteloze noodzaak is geschreven in 2010. Na dat jaar verbreedde Nasr zich als Dichter des Vaderlands. Hij schreef behalve gedichten zijn furieuze Malieveld-toespraak Op cultuur zet je een Ork en het opiniestuk Normen en waarden. Ook deed hij uitgebreid verslag van zijn reis naar Peking, waar Nederland gastland was op de boekenbeurs, en van zijn verwarrende ontmoeting met Ai WeiWei die hem op het hart drukte zijn toon nooit te verzachten.
Dat laatste is nogal een opgaaf, alsof met mildheid minder bereikt kan worden. Los daarvan, Mi have een droom laat zien dat Nasr met zijn emotionele, bevlogen geluid de afgelopen vier jaar iets bijzonders heeft neergezet. Noem het de rehabilitatie van het gelegenheidsgedicht. Het genre dat in de vorige eeuw door het vrije vers werd weggedrukt, beschikt over verrassend veel zeggingskracht, blijkt uit zijn bundel met vaderlandse gedichten.
Maar daar blijft het niet bij. Nasr laat meer na. Zoals – of eigenlijk: vooral – Hier komt de poëzie!, een doos met zeven cd's waarop hij 350 gedichten uit acht eeuwen voordraagt. Van Hendrik van Veldeke uit de tweede helft uit de 12de eeuw tot en met het gedicht dat hij vorig jaar in tranen voorlas bij de uitvaart van Gerrit Komrij. Vertellend over Hier komt de poëzie! in het televisieprogramma Kunststof, omschreef Nasr zichzelf als een dwergje op de schouders van de reus Komrij, die met zijn bloemlezingen het enorme erfgoed toegankelijk had gemaakt.
Op de cd's zet Nasr het werk van Komrij voort. Door voor te dragen wekt hij gedichten voor een groot publiek weer tot leven. In het geval van Hendrik van Veldeke en zijn tijdgenoten leidt het aanvankelijk tot een merkwaardige ervaring, omdat we diens spreektaal niet kennen en er dus maar wat verzonnen wordt. Gaandeweg drijft de scepsis naar de achtergrond. Nasr slaat zijn luisteraars een arm om de schouders en leidt ze mee door het dichtbegroeide bos, voor een overweldigende ervaring.
Veel poëzie is geschreven om voor te dragen – en als ze dat niet is, is er altijd nog zoiets als de innerlijke stem die tijdens het lezen meespreekt. Aangekomen aan het einde van de negentiende, begin twintigste eeuw wordt de prestatie nog indrukwekkender. De acteur Nasr doet dan dichters als Gorter, Kloos, Verwey, Leopold, Boutens en Dèr Mouw, op papier niet altijd makkelijke jongens, met zijn voordrachtskunst en inlevingsmorgen werkelijk alle eer.
Met zijn slotakkoord, het vrijdag gepresenteerde Dichter draagt voor, stapt hij vervolgens met hulp van regisseur en broer Shariff Nasr het multimediale tijdperk binnen. Dichter draagt voor bevat 21, soms eeuwenoude teksten en evenzoveel QR-codes die naar verrassende videoclips op Youtube leiden. In Egidius waer bestu bleven? zien we Reinout Bussemaker als man die zijn vriend is kwijtgeraakt. In Ik schrijf je neer van Hugo Claus figureert Tommy Wieringa als dichter die de literatuur prefereert boven het gezelschap van een vrouw.
De verbeelding boven de werkelijkheid. Dat blijkt ook uit het voorwoord van Dichter draagt voor, waarin Nasr vertelt hoe hij ooit in een kleedkamer kennismaakte met de nagelaten poëzie van Hans Lodeizen (1924-1950), ook nu nog steeds springlevend: "Terwijl rondom mij de luidruchtige gesprekken voortgingen, werd ik volledig ingekapseld door wat ik las. Ik verdween. (…) Toen ik weer om me heen keek, voelde ik me betrapt: ik had minuten lang in een totaal andere wereld rondgelopen, ergens in een tuin met vrolijk omvergespoten bloemen. Ik had gezien hoe de sterren los waren komen te zitten."
Luisterboek Hier komt de poëzie! Acht eeuwen Nederlandstalige poëzie gekozen en voorgelezen door Ramsey Nasr Uitgeverij Rubinstein Prijs 29,95 euro (zeven cds).
Boek Dichter Draagt Voor. 21 verfilmde gedichten (inclusief QR-codes naar poëzieclips onder regie van Shariff Nasr) Gekozen door Ramsey Nasr. Uitgeverij De Bezige Bij Prijs 7,50 euro (80 blz.) Zie ook www.dichterdraagtvoor.nl
Boek Mi have een droom. Alle vaderlandse gedichten. Auteur Ramsey Nasr Uitgeverij De Bezige Bij Prijs 19,90 euro (296 blz.) Verschijnt 31 januari. Nasr neemt op 31 januari afscheid als Dichter des Vaderlands middels een concert in Amsterdam met het Metropole Orkest.