Het is weer zover: een nieuwe finale van Doe Maar Dicht Maar, het jaarlijkse concours voor jonge dichters. Zaterdag treden er tien aan in De Oosterpoort in Groningen. Onder hen David Westera (Hardenberg, 1996), scholier op het Vincent van Gogh College in Assen en beurtelings wonend in Groningen en Beilen.
Vorig jaar was hij er ook al bij. De organisatie selecteerde Westera (foto Peter Wassing) destijds op basis van Vreemd hoe vreemd, een gedicht dat hij als tweede klasser uit zijn pen schudde. Op advies van een leraar stuurde hij het vlak voor de zomer van 2010 in. "Toen ze mij belden voor de finale zat ik in de derde van de Havo en was ik dat gedicht eigenlijk alweer vergeten. Ik kon het zelfs niet meer in mijn computer vinden. Uit het hoofd heb ik toen een nieuwe versie geschreven, met een paar aanpassingen."
De voordacht daarvan, precies een jaar geleden, ging niet best. Het begon ermee dat hij op weg naar het podium een poster zag hangen met de namen van de winnaars. Daarna bleek de microfoon te laag gemonteerd en volgde een worsteling met de standaard. "Daardoor raakte ik uit mijn concentratie en begon ik met de tweede strofe." Na afloop was er een gesprekje met Isolde Hallensleben. "Ik weet niet meer wat ik tegen haar gezegd heb."
De rommelige finale van 2011 heeft hem niet ontmoedigd. Sterker: zeker zestig gedichten heeft hij sindsdien geschreven. Waaronder Gisteravond, het gedicht dat hem opnieuw een finaleplek heeft opgeleverd. " Veel van mijn gedichten gaan over liefde. Gisteravond gaat over een eerste zoen tijdens een avond uit, en over het verlangen om dat moment te bewaren. Gisteravond is begonnen met het beeld dat je een moment in een doosje kunt stoppen."
Vreemd hoe vreemd was zijn laatste gedicht met eindrijm, vertelt hij. "Tegenwoordig schrijf ik vrij, al let ik wel altijd op de vorm, bijvoorbeeld dat na een korte zin niet ineens een lange volgt. Ik ben ook brutaler gaan dichten. Het gaat vaker over seks en ik durf ook woorden als neuken te gebruiken. Het gaat niet per se over mij, het zijn personages, net als in verhalen. Een gedicht hoeft niet altijd over iets moois te gaan."
De poëzie is hem ernst geworden. "Ik ben meer gaan lezen, vooral op de website Puberpoëzie waar allemaal gedichten van leeftijdsgenoten worden gepubliceerd. We geven ook commentaar op elkaars gedichten, daar leer je van. Verder hou ik van Toon Tellegen en Daan Zonderland. In Met dat hoofd gebeurt nog eens wat van Arie Boomsma staan ook mooie gedichten."
Het gaat bij Doe Maar Dicht Maar niet om het winnen, al zou een hoofdprijs natuurlijk wel leuk zijn, zegt hij. "Het gaat er om dat je gedichten aan een groot publiek kunt laten horen en dat ze in een bundel komen. Ik ben een jongen die het leuk vindt om gedichten te schrijven, zoals er duizenden jongeren zijn die het leuk vinden om gedichten te schrijven. Ik zou ook graag een roman schrijven, maar dat lukt nog niet erg. Als ik een goed idee wil opschrijven, komt er te snel een veel beter idee."
Het had weinig gescheeld of hij was er niet bij geweest, zaterdag. "We zouden met de theaterschool Assen spelen in Deventer. Dat wilde ik niet laten schieten, ook omdat ik dan de anderen spelers in de steek zou laten. Gelukkig hebben we kunnen ruilen met een theatergroep uit Amsterdam, nu spelen we zondag. Het is een mooie combinatie, acteren en dichten. Je leert je inleven in een ander, en het is goed voor je zelfvertrouwen."
Festival
De finale van Doe Maar Dicht Maar is zaterdag in De Oosterpoort te Groningen. Tien winnaars dragen hun gedicht voor, afgewisseld met professionele dichters en muzikale acts onder wie Lieke Marsman, Nyk de Vries, de winnaar van de High School Music Competition, Démira Jansen en Kraantje Pappie. Voorts wordt bekendgemaakt wie zich de Jonge Dichter des Vaderlands mag noemen. Presentatie Bram Douwes. Aanvang 19.30 uur.




