Zo’n 300.000 iPhone-gebruikers telt ons land. En een lawaai dat ze maken; een onophoudelijk gekwetter waarin voortdurend het woord ‘app’ opduikt waar eigenlijk ‘applicatie’ wordt bedoeld. Alsof er geen andere ‘slimme telefoons’ bestaan. Alsof het woord ‘toepassing’ geen nut meer heeft. Achterhaald, iets van vroeger, toen het leven nog te simpel was.
En de boekenwereld gaat er enthousiast in mee. Vorige week meldde een Britse krant dat er in de App Store van fabrikant Apple meer applicaties voor boeken te downloaden zijn dan voor games: 27.000 tegenover 25.000 spelletjes voor de iPhone. Vraag is vervolgens ze ook inderdaad tot op de de laatste letter gelezen worden. Want voor je het weet is er weer een nieuwe ‘app’.
Het aantal literaire-apps uit Nederland is vooralsnog zeer beperkt. Vlak voor de Boekenweek verscheen Vulpen, een feuilleton van bestsellerschrijfster Heleen van Royen. En vorige week kwam er een ‘app’ van Joost Zwagerman. Zijn toepassing omvat onder meer gedichten die door Hans Teeuwen worden voorgedragen, een agenda, een blog, een korte biografie en ten slotte een bibliografie met samenvattingen, korte fragmenten en quotes uit recensies.
In de App Store wordt de ‘app’ van Zwagerman ook weer gerecenseerd. “De blogpagina is zeer matig opgezet (…). De enige toevoeging zijn alleen de gedichten en voor de liefhebber de agenda”, oordeelt Ironis. “App werkt niet lekker. Grafisch ziet het er wel aardig uit. Vulpen app van Heleen van Royen is in gebruik stukken beter” noteert Leesditboek.nl. “Kreng werkt niet”, aldus Bijdenaam.
Over de ouderwetse boeken van Zwagerman lees je dat soort dingen nooit.



