'Aan het Hof van Karel de Grote' (1941) van Cornelis Jetses
De Fraeylemaborg in Slochteren, het Nationaal Onderwijsmuseum in Rotterdam en Museum Nairac in Barneveld bereiden tentoonstellingen voor met de schoolplaten van de Groninger illustrator Cornelis Jetses (1873 - 1955). Aanleiding is een boek waarin volgens uitgeverij Kok ten Have alle wandplaten van Jetses met commentaar worden afgebeeld.
Aan de uitgave, die in november verschijnt, wordt meegewerkt door onder anderen bijzonder hoogleraar illustratie Saskia de Bodt van de universiteit Utrecht, de pedagoog Ina Uphoff van de universiteit Würzburg, Duitsland en de schoolplatenspecialist Lenja Crins van het Onderwijsmuseum in Rotterdam. Samensteller van Jetses aan de wand is de historicus Jacques Dane, tegenwoordig coördinator collectiebeheer van het Onderwijsmuseum.
Cornelis Jetses heeft in totaal 22 schoolplaten getekend. Hiervan behoren achttien platen tot de bekende lesserie Het Volle Leven uit de jaren tussen 1906 en 1911. Hij maakte twee zogeheten geschiedenisplaten, Ter Walvisvaart (1911) en Aan het Hof van Karel de Grote (1941), plus twee vertelselplaten in 1910 bij het beroemde Aap-Noot-Mies-leesplankje van Hoogeveen.
Als maker van school- en wandplaten heeft Jetses altijd in schaduw gestaan van J.H. Isings, een illustrator die eveneens werkte voor de Groninger uitgever J.B. Wolters, het latere Wolters-Noordhoff. In Jetses aan de wand wordt onder meer verteld hoe Jetses de beginner Isings 'mooie opdrachten' gunde en vervolgens niet meer voor de schoolplaten van de vaderlandse geschiedenis werd gevraagd.
Daarnaast wordt in het boek het werk van Jetses in internationaal perspectief geplaatst, onder meer door het af te zetten tegen het werk van de Zweedse kunstenaar Carl Larsson en aandacht voor de Duitse invloeden in de platen van Jetses. De Groninger illustrator bracht aan het begin van zijn carrière enige jaren door in Bremen.
De expositie volgt op de succesvolle reizende tentoonstelling 100 jaar Ot en Sien uit 2004 naar de tekeningen die Jetses maakte bij de leesboekjes van Ligthart en Scheepstra. De primeur is 31 januari voor het museum in Rotterdam, daarna volgt Slochteren en in het najaar is Barneveld aan de beurt.




